Inhoud blog
  • Een kaarsje branden voor schielijk overleden Rietje, maar ook voor alle mensen die mij dierbaar zijn.
  • Lange tocht, maar ik kon er niet genoeg van krijgen: Eucalyptusbossen en steeneiken.
  • De laatste 100 kilometer tot Compostella.
  • Vive tu vida como quieras recuerda que solo tienes una: Leef je leven, beseffend dat je er maar één hebt.
  • Zoeken in blog

    Beoordeel dit blog
      Zeer goed
      Goed
      Voldoende
      Nog wat bijwerken
      Nog veel werk aan
     
    Onder mijn voeten en handen.
    40 jaar kinesitherapie praktijk - 95 dagen wandelfeest.
    19-07-2018
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Een kaarsje branden voor schielijk overleden Rietje, maar ook voor alle mensen die mij dierbaar zijn.
    DAG 81: Donderdag 19 juli 2018. 

    Onder mijn voeten: Salceda – Santiago de Compostella 30,4 kilometer. 

    Een kaarsje branden voor schielijk overleden Rietje, maar ook voor alle mensen die mij dierbaar zijn. 

    Dit is waarlijk de koudste ochtend die we tot heden mochten beleven. De temperatuur komt niet boven de 14 graden uit, en bovendien hangt er fijne zever in de lucht. Om 07.00 uur tijdens de ochtendwandeling van onze “king of the divan” loop ik pal op enkele Compostella lopers die al zeer vroeg vertrokken in een vorig dorp. Zij wandelen in traditionele klederdracht, met lange bruine pelgrimsmantel, de pelgrimsstok, de varkensblaas en de schelp op de Napoleon hoed. Spijtig dat ik mijn fototoestel niet bij me had. Ik ben na een half uur zelf in versneld tempo vertrokken met de bedoeling hen in te halen, maar ik heb ze niet meer gezien. Deze tocht is zowat het kroonjuweel van al mijn gewandelde trippen tot heden toe. Het loopt hier letterlijk vol van de met bussen geleverde tieners en pubers die hier in Spanje jeugdkampen doormaken en één van de dagprogramma’s is het lopen van de laatste 25 kilometer naar Compostella. Ik ontmoet jongens uit Oregon en Canada, uit Madrid en Valencia, allen ondergaan hier een taalkamp (taalbad) samen met Spaanse jongeren. Zij mogen op bepaalde tijdstippen geen Engels praten en de Spanjaarden mogen dan op hun beurt op bepaalde momenten geen Spaans praten. Wel zingen ze samen liedjes van de Beatles, de Rolling Stones en andere internationale zangers. Geen enkel van Joe Harris of Samantha. Hele kilometers lang steek ik die groepen voorbij. Ze worden met luxe-bussen aangeleverd en de groepjes zijn ook zo herkenbaar aan de kleur en de reclame op de rugzakjes. Allen zijn ze wel goed opgevoed want geen kind dat mij niet groet. Ik wandel onderweg voorbij een bad installatie in arduin. Dit heb ik nog niet mogen opmerken onderweg. prachtig aangelegd langs de meander van een rivier die dit bad steeds van nieuw water voorziet. Hoe dichter ik Compostella nader hoe trager ik loop. Bijna gedaan ritst het door mijn hoofd. Ik zou tevreden moeten zijn dat we allen al zover zijn geraakt, maar de euforie die er zou moeten zijn, moet plaats ruimen voor het onbehagen door het besef dat aan dit groot feest weldra een einde komt. Ik koester mijn grote en plezierige memorabele ogenblikken. Dit pakt niemand mij nog af troost ik mijzelf in mijn gedachtegang. Er duiken overal meldingen op die voorbijgangers in dikke stift op palen, wegwijzers en betonnen stenen neerpennen. Ook kijk je regelmatig gewild of ongewild naar beeldhouwwerken die langs de kant van het traject werden neergepoot. Ik vind er een heel deel zeer goed geslaagd. In de hoofdstad van Asturië brandde ik voor Rietje (de echtgenote van Marcel) een kaarsje in de kathedraal van Compostella. Rietje behoort net als Marcel tot onze vriendenkring, maar was de laatste jaren wat uit de sociale circulatie geraakt omwille van een lange slepende ziekte. Steeds was zij een vriendelijke verschijning, bescheiden, een wijze en vriendelijke vrouw aan de zijde van Marcel. We zullen haar missen, maar zeer zeker gedenken om al wat we met haar mochten beleven. Aan de uitgebreide familie breng ik langs deze weg de oprecht gemeende deelneming over van Marie Rose en mezelf. De camping waar we hier staan is net vandaag voor de eerste dag opnieuw geopend. Na blijkbaar een lange tijd verwaarlozing, wordt dit terrein nu volledig gesaneerd door de nieuwe eigenaar. Ook het sanitair, de restaurant, de grasperken en de onverharde wegen tussen de percelen zijn reeds duchtig onder de hand genomen. Het voldoet, maar er is nog zoveel werk, miserie, miserie. Maar het moet gezegd, je ziet al goed dat hier veel werk werd verzet. Morgen loop ik verder door naar Negreira en dan vat ik de vier laatste dagen aan. Vandaag aten we snijboontjes en gebakken aardappeltjes met ajuin (ze geven hier weer veel wind vannacht) en hamburgers. Alles zo lekker. Daar een wit fris en fruitig wijntje bij en de slaap zal weer niet moeten gezocht worden. Wellicht las u ook de mededeling die ik deed via facebook en ik dank alle die het bericht deelden. De bedoeling is de promotie van het boek nu reeds te beginnen in de hoop er 500 van verkocht te krijgen. Bloglezers zullen later wel meer en uitgebreide info verkrijgen. Ik stuur je nog een frisse knuffel vanuit een wreed verkoeld Compostella. Morgen wellicht beter. 

    Achter mijn handen 

    EEN VERHAAL OVER WAARDIG STERVEN 

    Charel was een zestiger. Hij leed aan blaaskanker.  Zijn bed stond in de woonkamer zodat zijn vrouw hem steeds fysiek nabij was. In het begin van de ziekte was pijn niet de dominante factor in het ziektebeeld, doch gaandeweg werd de pijn een steeds meer doorslaggevende emotie die het zowel voor Charel als voor zijn echtgenote zeer zwaar maakte om te verwerken. De huisarts van het koppel was een goede man met een hart van goud. Germaine zei me dat hij waarschijnlijk een mislukt “ paterke “ was. Hij had heel veel empathie en was bekommerd om de gemoedsrust van zijn zieken, maar wat hij niet leek te begrijpen was dat pijn die diep in het binnenste zit, je bot en tegelijkertijd je ziel kan opvreten en kapot maken. Geen mens kan leven met pijn. Pijn is sterk bepalend voor je leefkwaliteit en je houding ten overstaan van je ziekte. Charel vroeg op een dag om de dokter te bellen want hij had toch zoveel pijn. Zijn vrouw belde de arts en die meldde dat hij over een uurtje langs kwam. Charel had toen naderhand tegen haar geantwoord: “ge weet niet zeker hoe lang een uur duurt als je zo hevig pijn hebt”. Toen Charel de dokter melding maakte dat deze ziekte langzaamaan zijn lijf aftakelde, haalde de arts zijn schouders op en antwoordde hij dat dit inderdaad de ziekte kenschetste. Toen ook de vrouw na enige tijd haar beklag deed, over de onmenselijkheid van deze toestand en opzichtelijk een brochure op de eettafel legde van de organisatie “RECHT OP WAARDIG STERVEN” was de arts wellicht overmand en raadde hij aan de zieke naar het hospitaal over te brengen. Charel lag eerst op een kamer met twee. Heeft de huisarts contact gehad met de palliatieve dienst van het hospitaal? Niemand die het weet, maar nog diezelfde avond verhuisde Charel naar een éénpersoonskamer met nog een apart bed voor de gast. Charel kreeg een baxter en de verpleging zei heel beleefd en vriendelijk tegen de echtgenote dat het voor mevrouw beter was om bij haar echtgenoot te blijven slapen die nacht. Nog diezelfde nacht overleed Charel zachtjes in slaap zonder pijn en op menswaardige wijze. Heel rustig blies hij zijn laatste verlossende adem uit. Germaine is 22 jaar na de dood van haar echtgenoot nog steeds overtuigd dat de brochure over recht op waardig sterven haar huisarts overhaalde om de doodstrijd van Charel een duwtje te geven. Het verdict was er, waarom zou je de termijn van pijn en afzien nodeloos verlengen. De serene wijze van Charels’ heengaan is nu nog steeds voor Germaine een grote troost. Zij zou het iedereen durven aanraden om de artsen te duiden op hun verantwoordelijkheid om pijn tijdens de laatste levensfase uit te sluiten. Wanneer je als terminale zieke in een comfortzone afscheid kan nemen is dit waardig voor alle partijen.














    19-07-2018 om 20:51 geschreven door JohanDS  

    0 1 2 3 4 5 - Gemiddelde waardering: 5/5 - (2 Stemmen)
    >> Reageer (0)
    18-07-2018
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Lange tocht, maar ik kon er niet genoeg van krijgen: Eucalyptusbossen en steeneiken.
    DAG 81: Woensdag 18 juli 2018.  

    Onder mijn voeten: Miraz – Monxes – Arzua - Salceda 47,4 kilometer. 

    Lange tocht, maar ik kon er niet genoeg van krijgen: Eucalyptusbossen en steeneiken. 

    Bij het eerste ochtendgloren en mijn matinaal huidcontact met de buitenlucht had ik me gezworen om een pull met lange mouwen aan te trekken voor de wandeling aan te vatten. Ook de Jak was niet enthousiast, noch geneigd om bij deze ochtendlijke herfsttemperatuur zijn materie zomaar aan de natuur prijs te geven. Bibberend van de kou en de stress heeft hij na lang aandringen van mijn verbale aanmoedigingen dan toch maar zijn “kakske geplaceerd”, al was het niet met de nodige dosis interne druk, levendigheid en overgave. Maar het was er …Mijn tocht vandaag was wederom een combinatie van twee dagen omdat ik gisteren ook al wat verder was gelopen dan gepland en zodoende kon ik op twee dagen de rit van drie dagen lopen. Het plan was te wandelen tot in Arzua en daar de Hiesentriets op hun nestje te verrassen. Het verliep ook zo. De weg was tot in Arzua ééntonig en haast 90% beton en asfalt. Net niet datgene wat je na zoveel natuurmoois daarvoor zou willen. Maar een pelgrimsroute houdt ook boetedoening in. Dus ik ging ervoor, fouten gemaakt of niet, boete zou ik doen. Haast 27 kilometer liep ik op betonnen wegen en asfalt. Je houdt dat niet voor mogelijk, maar hoe kranig moet die pelgrim zijn om dit te overleven. Gelukkig was het tweede deel van de tocht naar Salceda heel wat aantrekkelijker en zachter van terrein. Toen ik Arzua arriveerde had ik meteen mijn drinkbus opnieuw gevuld met fris water. Ik plaatste ze in mijn rugzak in het verkeerde vakje en zo gebeurt het dat je onderweg wil drinken en zoekt in de gewone ruimte van je rugzak. Niets te vinden en dus denk je dat je ze bent vergeten in de mobil home. Eénmaal aangekomen in Salceda ben je schots en scheel van de dorst en drink je je eigen haast een gebrek aan de frisse fles bruisend water omdat je in de mening verkeerd dat je de drinkbus in de motorhome bent vergeten. Bij het leegmaken van je rugzak merk je dan dat die drinkbus aan de andere zijde opgeborgen zat. Op zulke ogenblikken neem ik mezelf niet al te serieus want anders zou je onmiddellijk stoppen met dit avontuur. Goed gevuld voor morgen denk ik dan. Marie Rose laat ik dan ook in het ongewisse want ik vermoed dat ze mij deze dommigheid niet zou kunnen vergeven. Vandaag kwamen de twee Camino’s samen: camino del Norte en de Camino Frances ontmoeten elkaar iets na Arzua. Ik heb het geweten: veel drukker en ook een ander soort wandelaars. Hier wandelen meer dagjestoeristen die minder met de natuur verbonden zijn maar meer het imago nastreven op de Camino te hebben gewandeld. Je merkt het aan hun minder gemotiveerde lichaamshouding. Ze slenteren over de weg en ook hun outfit spreekt boekdelen. Het schoeisel is dikwijls goed om drie dagen functioneel goed mee te gaan en hun kledij is niet aangepast om de klasse hoger aan inspanning aan te kunnen. De witte kousen en fashion zonnehoed verraden dat ze een schitterende move aan het uitvoeren zijn in hun eigen denkwereldje maar dit is eigenlijk hun eigen “battle” tussen hun ego en het natuur element warmte en lichamelijke conditie. De Nordik wandelstokken staan op de hoogte van een alpine ski stok, en dat is dan weer interessant voor mij, die wandelstokken zijn dus totaal niet functioneel van hoogte voor dit soort werk. Soms roep ik intern op mijn moeder als ik deze pijnlijke beeltenissen aanschouw. Niet dat ik aanstellerig wil overkomen, maar deze minimale inspanningen worden zo erg verzwaard door verkeerde materialen en verkeerde technieken. Maar, ik zwijg en roep enkel “OHLA” bij het passeren, en die OHLA klinkt lacherig en blij.... Op deze nieuwe Camino zie je ook per kilometer een blauwe vuilbak die steeds een leuze vermeldt. Dat is nieuw. Vorige tocht stonden die er nog niet. Ook de vele teksten op de wegwijzerpalen en de spreuken onderweg sluiten ook hier als nieuw item, aan bij deze Camino Frances. Dat zie je niet op de noordelijke weg. Ik passeer een “wall of wishes”. Je kan er je wens bijplaatsen en zo verkrijg je een lange lijst van muurwensen. Bij het voorbij lopen van een Camino bar, merk je één grote rij lege bierflesjes waar de eigenaar van de ledigende slikker zijn naam en datum mocht op vermelden in witte stift. Hier zijn al veel drinkers voorbij gelopen, blijkt. In Moxes kan ik het niet nalaten om toch een paar opnamen te maken van de abdij en aanhorende kapel. Onderweg hou ik de vinger op de knip om zeker niet verkeerd te lopen en gelukkig, want de Camino splitst hier met een meer noordelijk deel dat Arzua niet aandoet. De laatste 12 kilometer zweef ik onophoudelijk onder eucalyptusbomen en wandel ik een wandeling in de echte zin van het woord. Merkwaardig dat deze bossen zoveel overvloedige schaduw en koeling verschaffen. Zo koud het deze morgen was, zo warm is de dag ontwikkeld na 13.00 uur. Morgen rest mij door de interventie van vandaag nog 28 kilometer tot in de camping net voor Santiago. Dus waarschijnlijk kom ik Vrijdag aan in mijn tussenstation van Compostella. Ik laat het u zeker uitvoerig weten en dat daar wat foto’s bij zullen zijn kan ik je verzekeren. Groetjes en stel het wel en zeker zo goed al ikzelf en de meiden alhier.




































    18-07-2018 om 17:56 geschreven door JohanDS  

    0 1 2 3 4 5 - Gemiddelde waardering: 5/5 - (3 Stemmen)
    >> Reageer (0)
    17-07-2018
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.De laatste 100 kilometer tot Compostella.
    DAG 80: Dinsdag 17 juli 2018. 

    Onder mijn voeten: Vilalba – Baamonde – Miraz 32,8 kilometer 

    De laatste 100 kilometer tot Compostella. 

    We stonden gisteren op de parking van het gemeentelijk zwembad en dat had zijn voordeel. Een paar baantjes trekken in verfrissend azuurblauw water en daarna een uitgebreide wasbeurt onder de douche. Je voelt je dan als herboren. De overgang van wandelen naar zwemmen was even aanpassen. De beenspieren die in het water een ander soortelijk gewicht ondergaan samen met totaal andere spieren die mede in werking werden gesteld om je in het water voort te bewegen, dat was een kleine musculaire shock. Ik zwom slechts een 15 tal baantjes en hield het dan voor bekeken. Deze morgen waren er enige beenspieren, die ik tot heden toe nog niet had gevoeld, mede verantwoordelijk voor een licht gewijzigd gangpatroon. De eerste passen liep ik zoals een oude zeeman. Het gaat vanaf kilometer 1 flink steil omhoog, dus scherp de hoogte in. Blijven stilstaan is zoveel als achteruit neigen. Het doet pijn maar het voordeel is dat de top snel in het vizier komt. De wegeltjes lopen dwars door enkele oude boerderijen. Oud van gebouw, en oud van bewoners. De kippen lopen er voor je voeten samen met de hond en de kat en de kuikentjes. Het boerenpaard steekt even zijn hoofd en nek door de halve deur en verschiet zelfs niet van die ezel die hier omhoog geklauterd komt. De landbouw is hier echt niet in alles mee geëvolueerd. Ik zie oude landbouwwerktuigen die enkel dienen om door paard te worden getrokken. Ik merk ook zeer verouderde ploegen met één mes, hooikeerders die puur mechanisch werken op een riem die wordt bediend door een zwaar en groot vliegwiel. De aanhorende hofstede is niet meer te renoveren zelfs. De ijzeren roestige golfplaten die zonder enig patroon en dus wir-war over elkaar liggen, dienen als dakbedekking boven de schamele woonruimte. Oude arduinen drinkbakken, bedekt met mos en onkruid, ooit geplaatst als decoratie na een lange dienst als waterreservoir voor de hoevebeesten, dienen zelfs niet meer als versiersel van de gevel, maar zijn gedegradeerd tot ordinair oud vuil. Ik ontmoet een paar van deze decors, waarvan je denkt dat het helaas niet meer leefbaar zou zijn bij ons. En toch straalde het oude vrouwtje die ik groette met de typische “olah- buenos dias” heel veel blijheid en tevredenheid uit met de lichaamstaal die ze hanteerde: “buenos dias senior- bueno Camino” riep ze me vriendelijk terug, en terwijl wierp ze wat eten naar de scharrelende kip met kuikentjes naast haar. De paadjes zijn hier en daar van het erg smalle type en dienen meestal als verbinding tussen nationale wegen, maar ze houden ons op die manier van het drukke verkeer(vooral vrachtvervoer van bomen en commerciële distributie). Onderweg zie ik aan te aftelpalen dat de Camino mij meldt dat ik op minder dan 100 kilometer van Compostella ben genaderd. Het landschap is minder wijd en niet speciaal van het mooie type. Heel erg verschillend van wat we gisteren en eergisteren hebben gezien. Zo direct kan ik het voornaamste verschil geen naam geven, maar de schuin hellende weiden die eerder deze week naast ons opmerkten, zijn totaal verdwenen. Ook zijn er meer erg lokale kleine industriezones waar menig KMO- bedrijf de plaatselijke economie wat lucht en adem bezorgt. Echter, wanneer ik mijn bedenking een stem mag geven, wordt in dit Spanje precies niet erg graag en zeker niet hard gewerkt. Veel mensen zie ik ’s morgens, wanneer ik al een paar kilometer heb gelopen, naar hun werk rijden, hun kantoor binnenstappen, naar hun werkplaats lopen, hun winkelruimte openen, en het valt mij op hoe weinig werk-enthousiasme ik hier zie. Het valt me erg op, en ik betreur dat, want zulke attitude daar wordt je pas letterlijk ziek van. Spanjaarden zijn in hun werksituatie naar het cliënteel toe ook veelal niet erg vriendelijk en zullen je niet aanhalen. Je hebt vaak de indruk dat ze hun werk uitvoeren tegen of niet erg met de goesting. Het kan een verkeerde indruk zijn, maar meermaals heb ik mijn agitatie moeten onderdrukken om de mens achter de toog geen lik op stuk te bezorgen, na zijn onvriendelijke, onwelvoeglijke of zelfs niet-commerciële houding. Een speciale aandacht had ik voor de omheiningen van de weiden hier. De onderkant wordt mooi afgewerkt met rechtopstaande leiplaten, die niet elkaar niet overlappen, maar echter wel heel mooi naast elkaar aansluiten. Heel secuur en geen simpel vakwerk. Wat we eten vandaag: ik weet het niet, want de dames zijn gaan winkelen en de inspiratie is steeds zonder enige twijfel zeer goed aan de hand van wat ze zien liggen in de etalage. Als ik één of andere dag hier crash zal het niet aan het eten hebben gelegen. Ook niet in de tijd van Walter, steeds heb ik het hier volledig naar de zin en geen enkele reden om over wat dan ook te klagen. Iedereen die me begeleide heeft me eigenlijk in de watten gelegd, en dat is nu ook weer niet de bedoeling geweest, al ben ik de begeleiders daar heel dankbaar om. Ik wikkel daar geen doekjes rond, en zoek daar niets achter, maar zonder Walter, zonder Marie Rose en Sonja, zou dit avontuur zijn gevolg niet hebben gekend. Dit kan je niet doen zonder even op adem te komen na je tocht en op sommige vlakken wat daadwerkelijk geholpen te worden. Ik dank uitgebreid Walter en de Hiesentriets, en vind zelf dat ik dit niet genoeg kan herhalen. Dit afhaspelen zonder enig letsel of moeilijkheid is niet zo natuurlijk en zeker niet zo vanzelfsprekend als menig mens zou denken, maar zo afhankelijk van mensen die je omringen. Morgen naar de monniken in Moxes en daarna zitten we samen met de pelgrims die de Camino Frances lopen. Dat zal wellicht een cultuurshock veroorzaken want hier is het rustig en kalm, de andere Camino is erger dan Scherpenheuvel in de meimaand. Ik vertel het je wel. 

    Achter mijn handen 

    MIJN TROUWSTE PATIËNT 

    Albert is nu 82 jaar en vanaf zijn 45 jaar is hij elke week tweemaal onder mijn handen geweest. Elke dinsdag en elke vrijdag om 12.00 uur bied ik mij bij Albert aan om zijn rug te behandelen. Het begon met een acute lumbago en zoals Albert toen binnen kwam in de praktijk heb ik nog niet veel mensen de revue zien passeren. De man kon haast geen voet voor de andere zetten en zelfs met twee wandelstokken was de afstand van de wagen tot de voordeur een zware opgave. De patiënt was toen nog reiziger en verkocht maatpakken van Oostende tot Luik en van Bastenaken tot in Hasselt. Heel lange trajecten zittend in de wagen was niet echt bevorderlijk voor de reeds zwaar gehavende rug van deze mindervalide persoon. Dit had zijn reden. Albert was in zijn jeugd een tuberculosepatiënt geweest en die bacil had zich genesteld op de linkerheup. Orthopedisten hebben toen dat heupgewricht immobiel gemaakt, zodat dit dijbeen in het bekken niet meer kon bewegen. Albert ging dus met een stijve heup en ook in de wagen zitten gebeurde steeds met een gestrekt been en de romp heel ver achterover. Eigenlijk reed de man constant in half lig. Zo is het dus te verklaren dat zijn rug totaal verkeerd belast werd en daardoor bepaalde wervels regelmatig in een verkeerde richting werden gedrukt. Als jongeling bracht Albert ook verscheidene jaren door in verschillende sanatoria waar hij in het Franse landsgedeelte de Franse taal heel goed leerde spreken. Ook in Oostende verbleef hij enkele jaren als kind om de tuberculosebacil te overmeesteren. Pas op zijn vijftiende werd hij genezen verklaard. Albert had het verkopen in zich en moest buiten de verplaatsingen zelf niet al te veel moeite doen om zijn klantenbestand op te bouwen. Zijn service aan huis en zijn geduld samen met zijn vriendelijkheid, maakten dat de klanten onderling mondeling genoeg reclame maakten. Zijn zaak floreerde en al gauw begon de handelsreiziger een eigen zaak in Leuven in maatpakken en fashion kledij. Ook dat was een schot in de roos. Al gauw kwam er een tweede winkel bij in Aarschot en zelfs een derde winkel die zich specialiseerde in mannenhemden. Het was hard werken en dikwijls laat thuiskomen. De bezieling echter waarmee de kostuumverkoper zijn handel dreef was erg aanstekelijk. Veel Leuvenaars hingen aan zijn lippen en in kringen van zelfstandigen is hij nog steeds een graag geziene figuur. Albert werd dus na die acute lumbago behandeld en kwam daar gelukkig vrij snel overheen. De patiënt werd echter zo angstig van nieuwe acute rugpijnen dat hij me vroeg of ik die rug niet kon behandelen zodat het risico op herval in de toekomst toch zou afnemen. Ik verwittigde dat deze preventiekuur geen blanco cheque was om recidieven uit te sluiten, maar dat een regelmatige massage met bijhorende spierversterking en stabilisatie een garantie boden op minder kans tot herval. Hij engageerde zich sinds die eerste interventie op een onderhoudsbehandeling van twee maal per week. Zeer therapietrouw en zeer gemotiveerd. Sinds die onderhoudsbehandeling heeft Albert geen acute aanval meer gehad. Wel ondervindt hij regelmatig kleine dreigpijnen maar echte ischias of lumbago brak niet meer door. Even was er paniek vorig jaar. Na een wekenlange maagklacht bleek dat hij plots een massale maagbloeding had. In allerijl werd hij opgenomen. We dachten toen allen dat het verhaal van Albert hier zou eindigen. De man was zo verzwakt en zo afgetakeld dat hij een drietal weken op de dienst intensieve zorgen moest verblijven. Daarna volgden nog twee weken hospitaal op een gewone kamer. Hij heeft toen een groot aantal zakjes bloed gekregen die hem er terug bovenop hebben geholpen. Nog steeds moet ik aandringen op zijn dagelijkse minuten beweging. Hij is daar moeilijk toe te motiveren. Ik zie maar één uitleg en hij beaamt dat: het bloed moet afkomstig zijn van een luiaard of dan toch van een zeer inactief persoon, want weinig of zelfs niet bewegen zit hem nu precies in de genen. Albert is nu 82 jaar en nog steeds verzorg ik zijn rug tweemaal per week. We zijn ondertussen vrienden geworden en zowel het reilen en zeilen bij hem thuis als bij ons thuis wordt als animatiegesprek gevoerd. Wanneer ik een weekje verlof neem is dit een ware ravage in het gestructureerde leven van mijn patiënt. Gelukkig heb ik een dochter wiens stijl en massagekracht heel erg lijkt op de mijne en kan ik dus mijn Joker inzetten op de rug van Albert. Toch is hij altijd blij wanneer de “vertrouwde handen en vingers” terug zijn rug efleureren.




























    17-07-2018 om 16:22 geschreven door JohanDS  

    0 1 2 3 4 5 - Gemiddelde waardering: 5/5 - (6 Stemmen)
    >> Reageer (0)
    16-07-2018
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Vive tu vida como quieras recuerda que solo tienes una: Leef je leven, beseffend dat je er maar één hebt.
    DAG 79: Maandag 16 juli 2018. 

    Onder mijn voeten: Mondonedo – Vilalba 35,8 kilometer.  

    Vive tu vida como quieras recuerda que solo tienes una: Leef je leven, beseffend dat je er maar één hebt. 

    Mijn kuitjes worden ’s morgens gestrekt voor ik opsta. Ze doen nog pijn en wellicht zijn het naweeën van de zware tocht gisteren. Vandaag zou het niet echt minder worden, maar dat zijn zorgen voor later als ik terug te been ben. Eerst mijn ochtendritueel met de hond, mijn toilettage, mijn voeten-tape-ritueel en andere sanitaire plichtplegingen. Het is me reeds een paar keer opgevallen dat ik bij aanvang van een tocht, denk dat het vandaag onderweg niet zo goed zal gaan. Echter na kilometer vier, vijf gaat het dan toch wel goed, opvallend goed. Met een pittig tempo van 6 tot 6,2 kilometer per uur gaat het dan wel goed. Waarschijnlijk heeft dat te maken met de opwarming en betere doorbloeding van de spieren na enige tijd beweging. Ik ontmoet vandaag opvallend weinig medewandelaars. Vier heb ik er ontmoet, en dat is naar gangbare normen op deze camino, wel erg weinig. De vergelijkbare inspanning die ik over drie jaar wandelde op de Camino Frances is en blijft volgens mijn denken zo een 30% lichter. Deze weg is een droomweg voor natuurliefhebbers en voer voor digitale beeldjesmakers, maar anderzijds denk ik dat hij toch wel veel zwaarder is. Er zijn een paar monsters van heuvels bij, die op het einde nogal hevig opwaartse tepeltjes vertonen (weet je nog Jos: de Sugar Love) en dat maakt de algemeenheid van de inspanning toch wel intensiever. Vandaag was er een plaats die over 450 meter afstand een hoogte deed winnen van 124 meter. Dat wil zeggen dat je over die afstand ongeveer 27,5 % stijging onder je zooltjes verwerkt. Laat maar komen denk je dan. Het zweet breekt dan uit je lijf en spat dartelend in het rond en moest dit lopende transpiratiewater dan lawaai kunnen maken zou je spreken van druppels met luchtbellen die “pletsen” tegen de grond. Het zweet vertrekt dan vanuit je hoofdhuid en sluipt door je haar en loopt langs de achterbuurten van je nek door over je schouder, maakt zelfs geen transit op je lenden en bereikt via je werkmansspleet de pijpen van je broek, waarna het een terminal maakt aan de rand van je kousen. Je handen staan met rimpels van het langsgelopen vocht en je vingernagels hangen er slapjes bij. Drinken is dan de opdracht en zo komt het dat ik bij berekening achteraf regelmatig op een opgedronken vochtsaldo van om en bij de vier tot vijf liter terecht kom. De geuren die ik opsnuif in deze Eucalyptus bossen zijn een mengeling van vochtige humus en gedroogde bladeren van deze soort. Af en toe komt daar een typische paardengeur (vooral de uitwerpselen) de zaak wat opfleuren en ook de slappe geur van drogend hooi heeft me al enkele keren verbaasd. De sterke geur van een rottend kreng in de kant en de koeienshit waar je soms letterlijk op de weg doorwaad zijn odeurs die je doen smachten naar wat XL-Paris. Gisteren stonden wij op een camperplaats van Mondonedo, recht tegenover een bruine volkscafé. Het was ruim 01.00 uur in de nacht eer die tooghangers daar wat minder geluid begonnen te maken bij het doorslikken van hun gerstenat. Ook een caféruzie kwam er aan te pas en blauwe zwaailichten. Ikzelf heb er mijn slaap niet om gelaten, maar Marie Rose is met enig ongerust gevoel toch maar kort tegen mij aangekropen. Naast onze camper stond een kleine camionette met een Spaanse leuze op geschilderd. Ik kon het niet laten u deze boodschap ook door te sturen. De vertaling is vrij gebeurd en zonder expertise van een tolk. Nog welgeteld 132 kilometer ben ik verwijderd van Compostella. Het vermoeden krijgt gestalte dat ik zaterdag aan de kathedraal zal staan. Dan scheiden mij nog 4 wandeldagen van Finisterra. Let op, de blog loopt door tot aankomst thuis en dat zal rond 4 of 5 augustus zijn. Blijven volgen, want binnenkort volgt er nieuws in verband met de persvoorstelling van het boek. Ludo, mijn eerste en trouwe vriend vanuit de sportschool Ter Borcht in Meulebeke, waar wij als leerlingen toch, (over het lerarenkorps laat ik me niet uit) zoveel goeds hebben geleerd en waar ons aller teer lichaampje bij aanvang, tot een volwaardig mannelijk vruchtbeginsel werd omgevormd, schreef me nog een bericht in verband met mijn blog. Ik recht inderdaad mijn verkesterde rug en besef maar al te goed dat aan elk feestje (hier is dat feestje) ook een einde komt. Wat zal het weer moeilijk afkicken worden. De bezorgdheid om binnen een drietal weken terug in een totaal andere wereld te zullen functioneren neemt toe en vreet heel geniepig aan mijn reserve volume positieve energie. Ik doe mijn best Ludo om kalm te blijven en nog volop te genieten van de tijd die mij hier in Spanje nog rest. Dit is een paradijs voor mensen die zich één willen voelen met natuurlijke omgevingen. Dit is voor u, voor wandelaars, voor mij een omgeving en een tijd om te koesteren. Normaal zouden we deze avond een pizza eten, maar het stadscentrum is ons te druk. We eten de restjes van de voorbije dagen op en zullen in een minder drukke omgeving wel een Italiaans plat groententaartje weten te verorberen. Desnoods doen we dat in Leuven in de Muntstraat. Morgen eens een heel licht tochtje, de moeite niet om eraan te beginnen, maar uit eerlijkheid doe ik het toch. Er wordt naar Baamonde gewandeld over 22 kilometer en er hoeven maar 240 meters te worden geklommen. Heel wat minder dan de 824 van vandaag. Hou je taai en op tijd iets drinken….

    Achter mijn handen 

    MIJN EERSTE MAAR ZEKER NIET MIJN LAATSTE SLECHTE BETALER 

    Waarschijnlijk ga je bij dit verhaal wat ongemakkelijk in je zetel zitten en geloof je niet wat er staat. Maar luister naar deze vertelling van ongemene maatschappelijke profiteurs die parasiteren op de huid van hen die wel enig maatschappelijk verantwoordelijkheidsgevoel bezitten. En ik bevestig u uit eigen ondervinding dat je deze soort van leeglopers overal tegen het lijf kan lopen. Ze kennen het woord schaamte niet. Ze voelen zich zo genomen door de omgeving en klagen erover dat ze in deze wereld geen eerlijke kans kregen. Hier volgt het verhaal. Pierre werkte bij de groep Waterleidingen in Leuven aan het Herbert Hooverplein. Hij was woonachtig in Herent en woonde aan de brug in Wijgmaal vlak naast het café “De Sportvrienden”. Een uitgelezen plaats voor hem, want dan kon hij haast van aan de toog zijn bedsprei omhoog trekken over zijn dronken gelaat. Hij was een reguliere gast die elke avond profetische woorden verkondigde en allen die erbij stonden haast deed geloven dat elke druppel die uit hun kraantje liep, er was dank zij hem. Van werken had hij helaas geen eelt op zijn handen gekregen, en van te drinken helaas een uitgedroogde lever. De man komt op voorschrift van zijn huisarts bij mij in behandeling voor een pijnlijke rug ten gevolge van artrose op de kleine gewrichtjes van zijn lendenwervels (facetartrose ter hoogte van de lumbale wervelzuil). Hij laat zich 9 maal behandelen en komt zoals dat hoort bij zulke lui, met een regelmaat van een klok vijf tot tien minuten te laat, nooit te vroeg. Elke verontschuldiging is goed om zijn te late aankomst voeding en schuld te geven. Nog meer geërgerd voelde ik me, omdat de man in ziekteverlof was en zijn eisen stelde om zeker niet voor tien uur in de ochtend op het appel te moeten verschijnen. Na zijn negende maal vraagt hij een speciale gunst. Slecht bij kas, een financieel zware maand gehad, een paar onvoorziene uitgaven, redenen dus genoeg om de rekening te vragen en deze te mogen incasseren bij de mutualiteit alvorens te betalen. Hij beloofde me te zullen betalen eenmaal de ziekenkas de terugbetaalde som op zijn rekening had gestort. Zo zou de som die hij moest betalen aan mij minder groot zijn en dus financieel beter te dragen. Ik stemde toe en gaf hem zijn papiertje van de mutualiteit. In zijn dossier had hij vermeld geen telefoon te bezitten. Na een maand was Pierre nog steeds niet komen betalen. Ik stapte dus maar eens ter plaatse af en belde aan. Wetende dat hij thuis was en achter het gordijn was komen piepen speelde de man niet thuis. In het café ernaast was hij vaste stamgast en toen ik daar informatie vroeg bleek ik niet de enige te zijn waar hij schulden had. In het café was hij niet welkom meer tot hij zijn creditrekening had aangezuiverd. Ik schreef nog enkele brieven waaronder twee aangetekende, maar Pierre bleef halsstarrig zwijgen en bleek niet thuis te zijn. Er verliepen enkele maanden, ik denk zelfs een jaar of twee, maar daar ben ik helemaal niet zeker van. Tot op de dag dat ik mijnheer de schuldenaar tegen het lijf loop in de herberg waar wij met de fietsclub maandelijks vergaderen. Mijn adrenaline schiet bij vlokken en beken door mijn bloedbaan en nogal menens luidop en zonder schaamte vraag ik aan Pierre of hij nog van plan is zijn schuld bij mij te komen vereffenen voor zijn behandeling destijds. Die man bekijkt mij met een air maar met de meest onschuldige ogen die geen enkele professionele artiest zou kunnen nadoen. Hij overschouwt mijn wezen en komt zelfs dichterbij. Hij antwoordt mij: HIJ: “Mijnheer, ik heb niet de eer u te kennen, laat staan bij u in de schuld te staan. Mag ik bovendien eens weten over welke behandeling en betaling gij dat hier eigenlijk hebt?” IK: “kinesitherapeutische behandeling van uw rugklacht op voorschrift van uw huisarts”. HIJ: “Zie ik er nu uit als iemand die zijn rug moet laten behandelen? Nog nooit had ik pijn in mijn rug. Maar ik denk te weten waar het probleem zit. Jij verwart mijn persoon met die van mijn tweelingbroer. Eéneiige tweeling. Wij kunnen soms ons eigen zelf niet uit elkaar houden, zo trekken wij op elkaar. Dus ik neem u ook niet kwalijk dat je mij verwart met mijn broer.” IK: Ik denk, Pierre, dat ge mij iets wijs maakt. Uw zogenaamde broer heeft mij nooit iets verteld van een tweelingbroer. Durft gij uw identiteitskaart tonen?” HIJ: Enigszins gepikeerd en een klein beetje meer decibels gebruikend : Luister eens goed he maatje, als gij beweert dat ik bij u in behandeling ben geweest, dan ben jij het in de eerste plaats die dat moet bewijzen. En voor zo’n onnozelheden laat ik zeker mijn pas niet zien. Daar is geen sprake van. Ga naar de politie en dien een klacht in tegen mij, dan kan ik nog eens lachen. Zij mogen mijn paspoort wel opvragen. Aan u laat ik niets zien, want gij kunt mij daar niet toe verplichten.” IK: Ik voel enige spanning in de lucht en wil ten allen prijzen een fysieke escalatie vermijden. “ Luister, als het inderdaad is zoals gij hier komt vertellen, dan bied ik U mijn verontschuldigingen aan. Maar ik heb een heel sterk vermoeden dat je met al je theatraal gedoe mij hier voor de tweede keer in het zak aan ’t zetten bent.” HIJ: “Ik zou het ten zeerste waarderen dat je mij over die zaak met mijn broer niet meer aanspreekt, en mij hier rustig en vredig mijn pintjes laat drinken.” Ondertussen werd ons geanimeerd gesprek met veel aandacht gevolgd door een paar van zijn kompanen. Ik zag ook heel duidelijk aan wiens kant die zouden staan, moest de waarheid hier toch aan het licht komen. Omdat ik de situatie liever niet op de spits wou drijven, heb ik de dialoog gelaten voor wat hij was en gunde ik hem de verbale overwinning. Met mijn lichaamstaal en licht toegeknepen ogen maakte ik Pierre echter wel duidelijk dat ik zijn leugen doorhad. Ook maakte ik met mijn wijsvinger een horizontale beweging van links naar rechts over mijn adamsappel. Dat laatste moet indruk hebben gemaakt want Pierre dronk zijn pint leeg, nam zijn jas van de haak, betaalde en ging buiten zonder omzien. Na de vergadering vroeg ik aan de cafébaas of Pierre inderdaad nog een tweelingbroer had. Het antwoord van de waard was heel duidelijk: “gisteren niet, vandaag niet en morgen heel zeker ook niet. Hij gebruikt die list al jaren en komt er altijd even gemakkelijk van af.” Om te spreken over patiënten en hun acteertalenten. Tot op heden toe wacht ik nog steeds op mijn ereloon. Ik liet echter niet na de huisarts te verwittigen van Pierre zijn malafide praktijk. Ik verklaarde ook aan de huisarts dat ik dit soort patiënten nooit nog een heilzame vinger zal aanreiken, zelfs niet indien dat zou gelijken op schuldig verzuim.






























    16-07-2018 om 18:28 geschreven door JohanDS  

    0 1 2 3 4 5 - Gemiddelde waardering: 5/5 - (3 Stemmen)
    >> Reageer (0)
    15-07-2018
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.
    DAG 78: Zondag 15 juli 2018. 

    Onder mijn voeten: Ribadeo ( O Vilar) – Mondonedo 30,1 kilometer. 

    Heel zwaar, maar o zo mooi.  

    Op de camping konden we pas ons besteld brood afhalen vanaf 08.30. Totaal uit mijn structuur word ik gerukt op die manier. Door de afstand die we verwijderd stonden van de camino (en mede omdat ik me gisteren een aantal negatieve kilometers vergiste, want ik diende terug te keren) had ik afgesproken mij eerst met de motorcar naar de tartplaats op de camino te laten rijden. Ik kon dus niet vroeger vertrekken. Klap op de vuurpijl: op het tijdstip dat de winkel open ging vertelde de verkoopster dat het wel eens 09.00 of zelfs 09.30 zou kon zijn vooraleer de bakker passeerde. Dat was de melding te veel en het geloof in een uitgebreid brood ontbijt was verdwenen. We zijn om 08.40 vertrokken zonder besteld brood. Je hebt dan als wandelaar de neiging om je verloren tijd in te halen, en dat is een gigantische fout. Ik moest ongeveer 29 kilometer afleggen en 900 hoogtemeters overbruggen en vertrok explosief als een vonk aan een lont. Het was net alsof ik een inhaalrace liep. Ervan uitgaande dat ik de tijd die ik vandaag later vertrok wel zou kunnen inhalen. Dat moet je bekopen, vooral als er veel hoogtemeters moeten overbrugd worden. De laatste 5 kilometers was het een nat lontje en was de vonk eruit. Ook het strak ritme ontbrak, net als vocht door mijn slikkerspijp. Maar vanaf kilometer 1 tot aan het einde was het genieten op een voettapijt van Eucalyptusbladeren en zachte aarde. Het profiel was een jojo van hellingen en afdalingen en met onderweg drie van ver in het oog springende heuvels die ik moest oversteken. De hoogtemeters vandaag liegen er niet om: 915 meters op 30 kilometer. Hier en daar was het zuur omdat je na een sterke stijging een even sterke daling struikelend of schuivend je evenwicht dringend moet herstellen om erger te voorkomen. De dames hadden vandaag ook hun verhaal: Op een terrasje ontmoeten ze een Australische dame die samen met een Ierse mevrouw hier de Camino loopt. Die dame was vroeger een hardloopster en na een val van haar paard en een ernstig rugletsel had de behandelende arts haar medegedeeld dat ze nooit meer zou kunnen lopen of wandelen. Ze herstelde echter en gaf de arts lik op stuk door deze tocht te af te haspelen in stijl. De dames hebben een uitgebreid gesprek en wanneer mijn Hiesentriets vertellen wat voor opdracht zij uitvoeren, antwoordt die dame dat die man voor mijn vrouw wel heel speciaal moet zijn. Je moet je echtgenoot wel heel graag zien om zulk een opdracht uit te voeren. Recht in de roos natuurlijk. Heel de situatie van Sonja die al dertig jaar vriendin is en die meegaat als logistieke ondersteuning vond ze geweldig. De Camino heeft veel verhalen en frappant is de toevalligheid van menige ontmoeting. Onderweg merk ik nog maar eens hoeveel verlaten woningen er zich op deze pelgrimsweg bevinden. Meestal in bouwvallige staat. Ik kom in Mondonedo toe rond 16.00 uur en gezien er op de camperplaats een kraantje met lopend water staat kan ik mezelf en mijn gedragen kledij een goede was en spoelbeurt geven. En dat het deugd deed. Hier in het stadje is een kathedraal die ik graag nog eens zou gaan bekijken, maar door een hevige regenbui met bijhorend klankspel is dit helaas nog niet kunnen gebeuren. Deze avond eten we gerookte zalm, een zomers visslaatje met een speciaal potje saus (kreeftenmayonaise) en een rosé wijntje met een brok Frans brood. Morgen wacht er nog een zware dag van ongeveer 35 kilometer en dan volgen er een paar lichtere vooraleer de finale wordt aangevat. Ik las vandaag dat mijn afstand tot Finistere ongeveer een 235 kilometer bedraagt. Dus dinsdag beginnen we aan de laatste 200 kilometer. Ik groet u vanuit een bewolkt en onweerachtig Mondondeo. Tot de volgende berichten. 

    Achter mijn handen 

    MIDDAGSOEP 

    We behandelden een heer wegens een herseninfarct. De taak bestond erin hem opnieuw te leren marcheren en al zijn functies aan de rechterzijde te herstellen. Hij was een enige zoon van om en bij de 55 jaar en leefde heel nauw verbonden met zijn vader en moeder in een sociale woning. Hij was ongehuwd en werd behoorlijk gesuperviseerd door zijn moeder, die regelmatig zijn vleugels lam legde. Armand was vrijgezel en had niet veel vrijheid van bewegen. Er werd mentaal ook een heel kleine achterstand opgemerkt, al was dit niet zo opvallend. De bezorgdheid van de moeder was meer pathologisch dan de ziektetoestand die dit herseninfarct had bezorgd. Maar Armand kon er mee leven en dat was het belangrijkste. De revalidatie was bij aanvang heel intens omdat we op korte termijn de bedoeling hadden ons te focussen op zijn gangpatroon en zijn algemene functionele activiteiten uit het dagelijks leven (ADL). De behandeling was variabel omdat we de huisbezoeken uitvoerden met drie therapeuten. Telkens werden we heel gul onthaald en was de coöperatie met de jongeman en de toekijkende vader en moeder opperbest. Je merkte dat deze drie mensen in het gezin heel kort op elkaar leefden. Wanneer Armand in de keuken iets ging halen, volgde de moeder op de voet om bij te staan. Wanneer Armand naar iets op zoek was moest hij dat nooit alleen doen. Zowat het enige waarbij geen support werd gegeven was zijn toiletbezoek en het slapen gaan. Al de rest werd nauwlettend opgevolgd. Het ging heel snel de ronde onder de collega’s dat Armand wel erg vertroeteld bleek te zijn en dat dergelijk opvolging door twee observators bij ons behoorlijk op het nervus-systeem zou werken. Maar we lieten dat voor wat het was. De entourage van Armand stond erop dat we behandelden aan huis op het middaguur. Dan hadden zij gegeten en konden wij als afsluiter een tasje huisgemaakte soep verorberen. Elke dag maakte de mama van Armand groetensoep. En het moge gezegd, de soepen die ik daar heb gegeten waren van zeer goede kwaliteit. Enkel van de pompoensoep heb ik sindsdien een trauma opgelopen. Op restaurant, als voorgerecht, kies ik regelmatig een soepje, op voorwaarde dat het geen pompoensoep is. Je mag me alle soorten soepen voorschotelen, ik zal ze alle met genot opslurpen, uitgezonderd die ene. Sinds die dag bij Armand ben ik nog altijd pompoensoephater. Vraag me niet wat er is gebeurd, maar ik heb toen een geweldige afkeer van die ene soort gerechtensoep. Mooi om te zien was het. Ik mocht altijd plaatsnemen aan het hoofd van de tafel. Daar stond dan op een klein tafeldoekje een bolle tas gevuld met de soep. Dampend, want ze werd warm gehouden voor ons op het fornuis. Terwijl ik mijn soep naar binnenlepelde zat vader op een stoel rechts van mij. Moeder nam steeds plaats aan de linkse kant, de stoel het kortste bij de keuken. Boterhammetjes lagen klaar gesneden in kleine driehoekjes op een apart schoteltje. Telkens ik een lepel in mijn mondopening deponeerde zag ik twee aangezichten bewegend mee volgen van beneden naar mijn tas naar boven naar mijn mond. Je kan het vergelijken met toeschouwers die tijdens het tennisspel het balletje volgen met hun blik bewegend van links naar rechts. Hilarisch vond ik dat. Wanneer je onderaan denkt dat het kijkspel gaat gebeuren, moet je bedachtzaam zijn want je lachend verslikken in een portie soep is op zijn beurt ook hilarisch. Tot op het ogenblik dat de bodem was leeg geschraapt bleef dit schouwspel duren. Er werd op het einde gevraagd of het voldoende was geweest, want de kom met soep in de keuken was lang nog niet leeg. Die mensen waren zo behulpzaam en zo vrijgevig dat je soms gegeneerd je rekening zou overhandigen. Hun gulheid was een teken van dankbaarheid. De erkentelijkheid om de fysieke vooruitgang van hun zoon was groot. Zo verliepen de behandelingen steeds met hetzelfde einde. Wanneer je een behandeling uitvoerde bij Armand moest je die middag niet gaan eten thuis. Zoveel was zeker.


























    15-07-2018 om 19:17 geschreven door JohanDS  

    0 1 2 3 4 5 - Gemiddelde waardering: 5/5 - (2 Stemmen)
    >> Reageer (0)
    14-07-2018
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.
    DAG 77: Zaterdag 14 juli 2018. 

    Onder mijn voeten: La Caridad – Ribadeo 25,4 kilometer.  

    Verkeerde camping in mijn GPS geplaatst, verkeerde aankomst, en dus “kéer a keer wére”.  

    Nog voor de fel rode zon door het naast ons Oostelijk gelegen bos haar “broske” liet zien, was Jak al van zijn overbodige water en vaste materie verlost. De zon die zich piepend aanbood door de bomen was zo mooi en buitengewoon, dat ik besloot na deze ochtendlijke sanitaire lozingen van het baasje en de hond, op mijn passen weer te keren om dit mooie schouwspel voor u vast te leggen op het digitaal kaartje. Dit was de moeite om enkele honderden meters op mijn nuchtere maag te spenderen. Gisterenavond hadden de dames nog samen met mij een strandwandeling gemaakt om wat wrakhout te sprokkelen. De wandeling zelf was een daal- en klimpartij, want we stonden met de mobil-home op een parking van een sporterrein op de rand van een klif. Prachtig uitzicht en dito natuur. We moesten een 50 meter dalen naar het strand via een kronkelwegeltje en liepen dan op een klifstrand bedekt met ronde witte keien en stenen. De zee was rustig en als ik moet spreken in termen van waterlawaai, zou ik gewagen van een zacht bruisend geluid. Geen gekabbel, of geen gedruis, het geluid van een ritmische branding die je binnenste zo heel rustig maakt en waarbij je denkt: hier blijf ik nog een uurtje of twee. Een klein briesje wind met een sausje van avondlijke afkoeling en je bent midden ons decor. Het opnieuw naar huis keren was ontnuchterend en vooral het klimmen stelde menig lid van de groep op de proef wat betreft lichamelijke conditie. Maar met al die opgeslorpte Zen konden we daar goed tegen. Het wandelen vandaag verliep niet meer langs de kust en langzaam aan verglijdt het landschap want we naderen Galicië. De hoofdstad van dit ooit zelfstandige koninkrijk is Compostella. Een grote verandering is de richtingsaanduiding van de Sint Jacobsschelp. Tot heden toe stond de schelp in de richting van waar je moest gaan. Vanaf nu duiden de stralen die achter de schelp staan je de weg. Juist omgekeerd dus. Deze morgen had ik met de Hiesentriets nog afgesproken om een camping aan te doen om ons allen eens deftig en uitgebreid netjes en proper te maken. De geur van ons lijf wordt hier langzaam aan ondraaglijk. Ook moest er van iedereen kledij worden gewassen en daarvoor is zulk een ankerplaats wel gemakkelijk. De wasdraad is 10 meter lang en hangt zo vol als een ei. Er deed zich echter een probleem voor bij het einde van de tocht. De camping die ik op mijn GPS apparaat had geplaatst kwam niet overeen met de afgesproken camping. Niet dat ik me vergiste, maar de camping die we kozen was blijkbaar nog niet op mijn GPS kaart aangeduid, en zodoende plaatste ik bij gissing een andere locatie in die ongeveer een 3,5 kilometer verderop gelegen was. Toen ik op mijn (verkeerde) bestemming aankwam klopte de naam van de camping echter niet met wat ik op mijn GPS zag staan. De bazin van de verkeerde camping vertelt me dat er inderdaad een camping bestaat met de naam die ik vernoem, maar die is “dos – tres kilometros recto” verder, maar de mevrouw wijst van achter haar desk naar rechts terwijl ik eigenlijk terug moet naar links. Ik loop dus nog verder weg van mijn doel en na een correctief gesprek van mijn diva via de korte golf zender (ze volgt me via: zoek mijn vrienden) wordt ik op de hoogte gebracht dat ik moet terugkeren op mijn passen. Ik ben al lang de camping gepasseerd vertelt ze mij. Het tochtje krijgt dus een staartje en Marcel zou zeggen: “kéer a keer wére”. Heel snel is het euvel hersteld en wanneer ik de camping nader, komt mijn vrouw mij al tegemoet, want ik was weer de verdoken ingang voorbij gewandeld. Na een uitgebreide was- en spoel- en was- en spoelbeurt van heel mijn lijf en alle mijn leden, ben ik goed geurend klaar om in de cafetaria de rode duivels naar een 0-2 overwinning te roepen. Nu wordt hier alles in gereedheid gebracht om een lekkere Paella te eten met een lokaal wit Rioja wijntje. We hebben immers weer reden om te vieren. Zegt het u iets Guy? Aan Ellen die zich aanbood als nieuwe blog lezer doe ik toffe groeten en hoop dat haar stulpje in Begijnendijk haar heel veel gezelligheid en huiselijke warmte bezorgt. Morgen stap ik weer een nieuwe uitdaging tegemoet, want de hoogtemeters liegen er niet om. Het is 930 meter klimmen over 35 kilometer. Ik hoop morgen de match van Kroatië tegen Frankrijk te zien en weet heel zeker, dat ik supporter voor de Kroaten. Die Fransen hebben ons een te lelijke loer gedraaid. Tot morgen en geniet van ieder moment. 

    Achter mijn handen 

    HOE SENIOREN MOTIVEREN  

    Wanneer je doelstellingen binnen een bepaalde behandeling formuleert, is het belangrijk dat je samen met je zelfkennis, je ervaring, je bekwaamheid en zeg maar gerust je technische bagage de patiënt evalueert en al deze parameters toetst aan de realiteit. De bedoeling is dat doelstellingen haalbaar zijn. Je kan soms bij een paralyse (verlamming) van de onderste ledematen de doelstelling om opnieuw te kunnen marcheren, niet zomaar als intentie gaan formuleren. Zo gebeurt het dat bij een eerste klinisch onderzoek jouw patiënt zelf je helpt bij het opstellen van einddoelen. Ze geven je soms aan wat voor hen belangrijk is en waarom zij deze revalidatie aanvatten. Indien je attent bent, kan je af en toe tussen de regels door de wilsuitingen van de zieke goed ontwaren. In dit geval was dat evenzo. De mevrouw was reeds een 25 jaar weduwe en vooral de aangroeiende eenzaamheid viel haar zwaar. Het chronologisch wegvallen van haar echtgenoot, de grote meerderheid van haar vriendenkring, veel van haar professionele contacten en daarnaast ook haar kinderloos huwelijk bezorgden deze dame een vrij afgezonderd bestaan. Na elk huisbezoek won mijn vermoeden terrein. Dit huisbezoek hielp om een isolement draaglijker te maken. Er ontstond tussen ons beiden zowaar een vriendschap die onder meer gevoed werd door haar bange gesprekken rondom overlijden en wat er hierna komt. De ideologie van de mevrouw paste in het kader van een streng religieuze opvoeding. De situatie van jeugdige pedagogische invloeden op haar denken en doen waren er ingebakken. In het kader van haar revalidatie vond zij dat indien je er maar sterk genoeg in geloofde je verwachtingspatroon wel zou uitkomen, zo niet toch dicht in de buurt. Je moest geloven en hopen heel dicht bij elkaar brengen, zo brak je wetten…. De mevrouw had een slechte doorbloeding van de onderste ledematen en besteedde elke dag veel ogenblikken aan het gebed. De laatste minuut van haar bezigheid eindigde met de scapulier tussen haar duim en wijsvinger. Haar geloof was haar breedspectrum medicijn. Helaas klopte de vervaldatum niet. Germaine moest met mij elke dag een paar stapjes proberen te wandelen van de leefkamer naar de traphal en terug. De woning bevond zich in de O.L.Vrouwstraat, een boogscheut van de O.L.Vrouwkerk. Hoe dikwijls heeft ze me niet verteld dat ze voor haar dood toch nog eens graag in de kerk was geweest. Toen antwoordde ik dat die mogelijkheid er wel zou inzitten, maar dat hiervoor toch wat meer opbouwwerk nodig was. De weerstand tegen vermoeidheid moest danig worden opgevijzeld en ook de kracht in de onderste ledematen was onvoldoende om die afstand te kunnen overbruggen. Maar ik maakte met haar een afspraak. De drie behandelingen per week werkten we samen aan de spierkracht en de stabiliteit. De andere dagen was het haar eigen verantwoordelijkheid, maar werd de raad gegeven dezelfde oefeningen autonoom verder te oefenen. Ook aan de uithouding (op die leeftijd !!!) besteedde ik voldoende aandacht om de afstand tot aan de kerk aan te kunnen. Ik stelde een werkdocument op in de vorm van een maandkalender. Daarop moest Germaine elke dag invullen wat ze had uitgespookt in het kader van haar revalidatie. Bij de aanvang van dit systeem nam ik een inspanningstest af onder vorm van een trappenmars. Zij moest zelf aangeven hoe hoog en hoeveel treden zij achter elkaar aankon zonder te moeten rusten. Dat was echt niet hoog. Op amper 5 treden moest er worden nagehijgd en waren de beentjes verzuurd. Er gingen een aantal maanden aan vooraf en gelukkig zitten wij hier met vier seizoenen. In de zomer konden we op elkaar indruk maken door buiten op de stoep te wandelen. En zowaar, de kerktoren kwam dichter. Tot op die dag dat ik met haar tot aan de kerkpoort wandelde. De laatste stap zou binnen geweest zijn. Bij ons is de kerk overdag gesloten. Dus sprak ik met haar af op een dag dat er een begrafenis was samen met haar aan mijn arm die kerkdienst bij te wonen. Niet dikwijls heb ik iemand zo gelukkig gezien op een rouwplechtigheid. Germaine zat op de stoel net onder draaitrap naar het oksaal. Ze glunderde en ik vermoed dat haar tranen geen rouwtranen waren. Van motivatie gesproken. Ikzelf had bij voorbaat nooit gedacht dat het doel (naar de kerk stappen) ooit zou gehaald worden. We hebben er nog dikwijls om gelachen en sinds die dag liep Germaine met haar rollator, regelmatig zelf naar de bakker. Mij had ze verder niet meer nodig, en eigenlijk was ikzelf daar ook een beetje gelukkig mee. Ik heb het voorval regelmatig gebruikt als schoolvoorbeeld rondom de term motivatie.




































    14-07-2018 om 19:36 geschreven door JohanDS  

    0 1 2 3 4 5 - Gemiddelde waardering: 5/5 - (5 Stemmen)
    >> Reageer (0)
    13-07-2018
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Natte voeten dag.
    DAG 76: Vrijdag 13 juli 2018.  

    Onder mijn voeten: Almunia – La Caridad 30, 6 kilometer 

    Natte voeten dag. 

    Het blijft hier mooi flaneren langs die “Costa verde” van Noord Spanje. Het imponeren volhardt en al het moois laat mij niet los. De Eucalyptusbossen, die smalle padjes, het geluid van lopend hemelwater (daarover straks meer), de schaduw- en zonpartijen, de afwisseling van bodem en de uitzichten op bergen of zee, de kleine lieflijke dorpjes en groetende mensen. Deze streek is wel wat betreft afwisseling van natuur en vergezichten, één der meest attractieve plekjes die ik ooit bezocht. Tijdens het afdalen van een heuvel is stromend water, zichtbaar of onzichtbaar naast mij onder de overheersende plantengroei of struikgewas meer dan eens mijn metgezel. Het pad loopt soms door het beekje. Ik maakte onderweg de bedenking hoeveel benamingen je dit geluid van neerwaarts stromend water kan geven. Soms is het sijpelend, ook al eens daverend, donderend, veelal ploffend en stromend, maar enkele keren ook sissend en zelfs pruttelend. Heel af toe is het geluidloos. Water is in deze regio alomtegenwoordig en daarom ook dat alle plantengroei gezond en groen van kleur is. Boswegen staan regelmatig modderzacht en soms moet je als wandelaar de oprand van de weg gebruiken om niet door de volle plassen te moeten trappen. Wanneer je dan na kilometer 7 even niet bij de les bent en ofwel verstrooid, ofwel te intens met de GPS bezig bent, dan kan het gebeuren dat je met de voetjes uitschuift en van de kant naar beneden afglijdt. Naast de weg, een metertje dieper maar, loopt er een mooi idyllisch onschuldig riviertje en daar kom je dan netjes in terecht met je beide schoenen. Inwendig gevloek helpt je niet van doornatte sokken en schoenen af. Nog 23 kilometer te gaan bedenk ik heel snel en die nuchterheid brengt me terug met beide voetjes op de droge aardenweg. Het besluit staat al vast voor het genomen is: natte kousen uit, natte tape verwijderen, schoenen uitgieten en droger wrijven met mijn microvezeldoek. Ook de wonde aan mijn scheenbeen, dat tegen een boomschors terecht kwam, was ik grondig proper en voorzie ik van Iso-betadine gel en een verbandje. De droge tape en de reservekousen doen hun werk, al ondervind ik reeds na 5 kilometer opnieuw natte voeten en tenen. Ik ben als de dood voor blaren of kapot gelopen voeten omwille van het vocht. Toch geraak ik letterlijk heelhuids aan het meeting-point van de senioritas en daar ontdoe ik me van al wat mij te vochtig is. Vooraleer ik aankom moet ik nog door een havenstadje Navia. Vlak aan de rivier, de Rio Navia is de hoofdstraat met allerlei soorten winkels. Eén van de winkels is een 125 jaar oud ijzermagazijntje. Ik kan het niet nalaten om er even binnen te gaan gluren. De baas is mij onmiddellijk genegen en vertelt mij honderduit, deels in het Spaans, deels in het Engels. Waar ik iets niet begrijp maakt hij gebaren met zijn beide handen. Juan Carlos is de vierde generatie van de familie en houdt het nu voor bekeken. Hij doet algehele uitverkoop en blijft fier op zijn aangeboden waar. Tijdens ons gesprek in de winkel (????) vertelt Juan dat hij de Camino 5 maal deed en hij vindt de Camino Primitivo langs Portugal de mooiste. Hij laat mij foto’s zien waarop hij in atletentrui, cross loopt en tot halverwege zijn knieën door de modder ploetert. Hij vraagt me hoe oud ik ben en vraagt mij te schatten hoe oud hij is. Mijn peiling is er negen jaar naast, want ik schatte hem 60 en hij is er 69. Ook de Belgische rode duivels komen voor in ons gesprek. Ze hadden de finale moeten spelen zegt hij, maar de blauwen waren slimmer…ieder heeft zijn waarheid. Ik neem nog een paar foto’s want verkeer in de zekerheid dat dit tafereel mij nooit nog aangeboden wordt. Weer wandel ik voorbij verkommerde boerderijen die leeg staan, en dus niet meer onderhouden worden. Zelfs de tractor is mooi ingepakt onder een blauw zeildoek. Wat verder zie ik een Byzantijns gebedsgebouw naast een Katholieke Kerk. Onderweg schrijf ik nog gauw een groet aan Victor en Vincent en Paola. Dat wordt hier meer  gedaan omdat je ook regelmatig dezelfde wandelaars na enkele dagen tegen komt. Deze dagtocht loopt naar zijn einde toe, en ook vandaag voel ik me niet moe genoeg om al te stoppen. Sinds een paar dagen voel ik dat de inspanning mij minder deert. Maar, ik let op, want waarschijnlijk vindt de lezer dit neigen naar pretentie en aanstellerij, maar de vaststelling is dat er sinds een aantal dagen echt niet kan gesproken worden van kapot of zwaar vermoeid toekomen aan de mobil-home. Het gaat vrij goed en de hunker naar meer is er steeds weer…. Vanavond eten we koude erwtjes en wortelen, met sneetjes van kalkoenfilet, en gebakken patatjes. Een wit wijntje met Picon erbij en dan weer hopen op een andere dag morgen. We trekken naar Ribadeo en als de planning klopt zijn we volgende zaterdag al in Compostella, want vandaag staat de kilometerteller onder mijn voetjes al op 2058 kilometer. Lees morgen maar voor het laatste nieuws hier. Groetjes. 

     Achter mijn handen 

    OM JE KUNNEN BETALEN MOET JE MIJN BED VERZETTEN 

    Van Bancontact en pincodes hadden senioren geen brood gegeten. Het geldverkeer gebeurde puur cash. We waren de tijd van de bankcheques nog net iets voor. Hoe snel is de tijd rond financiële transacties veranderd. Bankverrichtingen gebeurden fysiek in het bankgebouw zelf en van betalen voor elke overschrijving die je deed, was helemaal geen sprake. Jean woonde alleen als weduwnaar in zijn piepklein peperkoekenhuizeke. Hij was een modale oude man die, weliswaar licht vereenzaamd, elke dag relatief gelukkig doormaakte met televisie kijken, patience spelen, krant lezen en door het raam naar buiten kijken. De behandeling richtte zich op het onderste deel van zijn lichaam. De benen en vooral de spieren errond deden hun werk niet meer perfect en dat kwam zijn mobiliteit niet ten goede. Zo ging ik tweemaal per week en als het weer het toeliet, met hem aan de arm buiten wandelen en dat kon dan gerust een wandeling zijn van enkele honderden meters. Jean was daar heel blij mee, en zijn lichaam ook. Zo konden we via dit weerkerend patroon van oefenen en wandelen een toestand van veroudering en immobiliteit dan wel niet doorbreken, dan toch stabiliseren. Ouderen hebben dikwijls behoefte aan die ene initiële prikkel die extern wordt aangeboden om een patroon van passiviteit te doorbreken. Het doorbrengen van het grootste deel van hun dag in een zetel is totaal contraproductief. Je moet protocollen sluiten en afspreken dat ze elke dag hun doel van dertig tot zestig minuten actieve en rustige beweging afwerken. De doelstellingen zullen natuurlijk persoonlijk en ter plaatse adequaat moeten aangepast en afgesproken worden. Jean was een revelatie. Na enkele huisbezoeken kreeg hij de smaak te pakken en vrij snel kon hij de link leggen tussen beter slapen en meer bewegen. Smakelijker eten en meer buiten komen. Overdag minder slapen en meer wandelen. Hij heeft vele wetenschappelijke studies ondersteund. Sinds zijn behandeling toen was hij een overtuigd bewegingspromotor. Ik bood mijn ereloonnota aan bij het einde van de tiende sessie. Jean vroeg mij mee te komen naar zijn slaapkamer. Het was een ruimte naast de leefkamer. Daar stond een antieke kleerkast van twee meter hoog. Daarnaast een oude zetel en lavabo-meubel met daarop een vierdelig gestel. Een grote schotelkom, een karaf die dient om water uit te gieten in de grote schotelkom, een langwerpig bakje met bijhorend deksel en een kleiner model van hetzelfde motief voorzien. Ooit had ik in de film van “De Witte van Zichem” deze lavabostukken ook eens opgemerkt. Zijn bed stond centraal en bij nader toezien stonden de poten van dat bed op vier stukken balatum. De oppervlakte van die stukken vloerbekleding waren groter dan de poot zelf. Ik schat dat elke stuk balatum de afmeting had van 50 centimeter op 50 centimeter. En ja, als ik erop gewezen werd, dan zag ik dat de poot aan het hoofdeinde die het kortste bij de kleerkast stond, inderdaad een beetje bol was. Jean wees met zijn vinger naar de basis van de die beddenpoot. Als jij eventjes dat bed omhoog heft, dan zal ik u betalen. Ik tilde op advies het bed in zijn geheel langs die zijkant omhoog. Jean had ondertussen een kopkussen op de grond gelegd. Hij nam plaats op één knie kort bij de desbetreffende poot. De balatum werd handig van de grond geheven en Jean haalde daaronder vandaan een doorschijnende plastieken zak. Die zak, en omdat hij transparant was kon ik het duidelijk zien, zat vol met papieren geld. Allerlei briefjes geld zaten er ongesorteerd en willekeurig door elkaar. Geen mens, laat staan een bankier, kon een raming maken voor welk bedrag hierin was gestouwd en opgeborgen. Briefjes van 5000, 1000, 500, 100, 50, 20 frank door elkaar. Hij deponeerde de plastieken verfomfaaide geldkluis op het dekbed en haalde de briefjes er uit die hij nodig had. In samenwerking met mij waren we bloedbroeders. Wij deelden een geheim en daardoor voelde ik mij gegeneerd en schuldig tegelijkertijd. Een beetje verontwaardigd maakte ik Jean de opmerking of hij wel wist wat voor een risico hij liep. In de eerste plaats om zoveel geld in huis te houden en vooral ook door zijn geheim plaatsje zo maar te openbaren. Ik was ervan overtuigd dat ik lang niet de enige was die weet had van deze stockeerruimte. Het antwoord was al even spitsvondig als de bergplaats. Als ze mijn geld willen nemen zullen ze me toch eerst uit bed moeten rollen, daarenboven toonde hij dat niet zomaar aan de eerste de beste. Bovendien durfde hij al eens van poot veranderen.




































    13-07-2018 om 16:09 geschreven door JohanDS  

    0 1 2 3 4 5 - Gemiddelde waardering: 5/5 - (4 Stemmen)
    >> Reageer (0)
    12-07-2018
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Een toevallige ontmoeting met Vincent en zijn dochter Paola.
    DAG 75: Donderdag 12 juli 2018. 

    Onder mijn voeten: Soto de Luina – Almunia 40,4 kilometer.  

    Een toevallige ontmoeting met Vincent en zijn dochter Paola. 

    Waar het gisteren de ganse dag zwaar bewolkt was, stonden we deze morgen al vanaf onze eerste schreden in het stralende zonnetje. De tocht verliep vandaag dwars door enkele heuvels en gedeeltelijk langs verharde en onverharde weg. Vanaf de doortocht aan het kapelletje van Ballota, langs de N-632A duurde het voor mijn part iets te lang op het beton om het aangenaam gevoel dat ik tot dan toe had ondervonden, nog meer voeding te geven. De weg draaide en keerde en liep op en af als een roller-coaster. Echt moeilijk was het vandaag zeker niet, al was de beklimming van een heuvel op een modderige aardeweg wel de moeite om even uw zweetdoekje boven te halen. Daar was het dat ik Vincent en Paola voor de eerste maal tegenkwam en waar ze mij heel vriendelijk lieten passeren. Het was op sommige ogenblikken toch wel grijpen naar vaste punten naast de weg om zeker niet weg te schuiven. Maar mij hoor je daarover niet klagen. De richtingswijzers waren niet helemaal goed aangebracht vandaag. Op zeker ogenblik is het resultaat dat ik uit een bospad kom gelopen en ik andere wandelaars bemerk op de grote weg. Daar kan je toch wel vragen bij stellen, wellicht heb ik me vergist op een bepaalde afslag, want op enkele momenten heb ik echt naast het spoor op mijn GPS gelopen. Ik laat me echter niet meer verschalken, want heel regelmatig vergelijk ik het te lopen parcours met de voorbereiding van het parcours die ik thuis maakte. Verscheidene keren klopte het niet. Het is mede daardoor dat ik enkele kilometers later Vincent en Paola voor een tweede keer inhaal en groet. Ze komen beiden uit de streek van Madrid en Real is zijn ploeg. Vincent kent wat Engels, zijn dochter nog beter. Daardoor ontstaat er een conversatie. De man is 59 jaar en op tocht met zijn 21 jarige dochter. Ze wandelen drie dagen dit parcours. Vincent is steeds heel sportief geweest en dat zie je aan zijn lichaamsbouw. Vijf jaar deed hij aan competitief zwemmen, volgens hem de meest gezonde sport die er is. Terwijl we zo wandelen geef ik aan dat deze tocht voor mij eigenlijk een brugje is tussen mijn actieve loopbaan en het pensioen. Dat ik er een blog over schrijf en dat daar twee verhalen zijn in verwerkt. Paola is best een mooie Spaanse verschijning en wil onmiddellijk de coördinaten van de blog waarover ik wat uitleg gaf. Ze gaat me volgen. Ik stel voor een selfie te maken van ons drieën om op de blog te plaatsen. Daar zijn ze beiden heel blij mee. Ze wandelen door tot in de kern van de stad Luarca. Vermits mijn dames de stadscentra liefst vermijden, en daar heb ik begrip voor, hebben we de stop getekend net voor Luarca, in Almunia. De stralende zon is niet zondig want de temperatuur bedraagt hier 24 graden en dat is rustig genietbaar. Ik zie het aan de hond die bij een woning op zijn rug in het zonnetje aan het genieten is van zijn brugpensioen. Voor vanavond staan we hier heel rustig op de rand van de stad op een hoogte boven de kustlijn. Het is hier een soort park van de toekomst, waar allerlei sterrenkijkers staan opgesteld. Parque de la vida noemt het. Deze avond eten we patata bravas met kippenfilet en broccoli. Daar hoort een goed pintje bier bij. Morgen wacht er nog een lange tocht tot in La Caridad, goed voor 31 kilometertjes. Ik groet van hier uit zeker mijn collega’s nog eens uitbundig. Moet niet gemakkelijk zijn met zo’n warmte te moeten werken. Ik heb er vreselijk medelijden mee. Gedeelde smart weegt toch minder. Groetjes aan Philip, Marike, Famke, kersverse vader Niels en Joke. Straks weer een nieuw verhaal maar vergelijkingen tussen verscheidene dagen durf ik al lang niet meer maken want buiten het land Spanje zijn er toch wel veel dingen die hier van dag tot dag verschillen. 

    Achter mijn handen 

    IN AANVARING MET HET TOENMALIGE O.C.M.W. 

    We vliegen even terug in de tijd, naar het jaar 1978. Fernanda was een weduwe van 84 jaar die in een klein, oud vervallen huisje woonde op de Mechelsesteenweg. Ik had al verscheidene keren opgemerkt dat ik de deur achter mij niet te hard mocht dichtslaan, want anders riskeerde je dat de beplakking rond de deurkasten in stukjes naar beneden plofte. Het huisje had zijn beste tijd gehad en indien ik een raming moest maken over de ouderdom van de woning zou ik stellen dat het gebouw opgericht werd rond het jaar 1930. Fernanda woonde alleen en trok zeer goed haar plan. Ze kookte nog zelf en de boodschappen werden gedaan door de kinderen. Elke dag kwam het Witgele kruis om haar te wassen en te kleden. Van grote luxe in de woning kon je moeilijk spreken. Ook de meubels en de huispoes straalden de tijdsgeest uit van voor Wereldoorlog II. Warm water en centrale verwarming waren er niet voorzien en buiten een ouderwets radiotoestel werd er in huis niet teveel lawaai gemaakt. De behandeling aan huis bestond eruit de patiënte opnieuw te leren marcheren en recht op te leren staan vanuit een stoel. Ze had een werveltrauma opgelopen na een val in huis. Reeds aan de voordeur komt er mij een gasgeur tegemoet. Ik geef niet veel aandacht aan deze gasreuk tot Fernanda me binnen laat. De typische odeur van gas wordt intenser richting leefplaats. Bij mijn eerste navraag of hier een gaslek is, krijg ik niet meteen een affirmatief antwoord. Ik haast me naar de derde plaats, de achterkeuken. Er staat een waterketel te dampen op het gasfornuis. Vuur onder waterketel kon ik niet ontwaren maar ik merkte wel dat de kraanknop van het bekken volledig open stond. Ik hoorde het gas uit de gaatjes ontsnappen en in een reflex geef ik de knop een halve draai naar links. Op stand nul is het gesis van ontsnappend gas uit de fijne gaatjes ook meteen gestopt. Ik duw alle deuren en ramen open om de boel wat te verluchten. Enigszins verontwaardigd maar vooral bezorgd om het welzijn van de bewoner en ook voor mezelf…meld ik Fernanda dat dit een gevaarlijke toestand is. Temeer omdat ik de geur tot vooraan had geroken. Ik had zonet aangebeld bij een gasbom. Het voorval werd geseponeerd en wat volgde waren een aantal dagen revalidatie zonder gasgeurtje, toch niet uit het fornuis. Tot op de dag dat het voorval zich herhaalde. Identiek hetzelfde scenario. Een gesprek ontplooide zich en het onderwerp was de al of niet noodzakelijke aanwezigheid van een gasvuur in de achterkeuken. Om een lange en eentonige discussie niet te hoeven weergeven vermeld ik dat het gasvuur werd verwijderd en vervangen door één elektrisch kookplaatje om water te kunnen verwarmen en dat er met het O.C.M.W. afgesproken wordt om dagelijks warme maaltijden aan huis te laten brengen. Ik nam contact op met de sociale dienst van de gemeente die me in verbinding brachten met het Openbaar Centrum voor Maatschappelijk Welzijn. Gezien de hoogdringendheid en het gevaar van deze situatie, pleitte ik bij de secretaris persoonlijk voor een bedeling aan huis van warme maaltijden en argumenteerde mijn bede aan de hand van het gasverhaal. Een onderzoek naar het dringend en dwingend karakter van deze toestand werd opgestart. Bij navraag enkele dagen later bleek inderdaad dat de sociaal assistente van het O.C.M.W. een paar vragen was komen stellen en dat er daadwerkelijk warm eten aan huis was gebracht. Iedereen blij, dacht ik toch. Het eten werd gebracht, werd met volle goesting opgesmikkeld, geen kookwerk, geen afwas en geen gevaar meer voor gasontsnapping. Wie zou hier niet blij om zijn? Fernanda weet me na het verstrijken van de maand te vertellen dat de maaltijden heel lekker zijn en de regeling voor haar echt een verbetering inhouden. Echter de prijs van die warme maaltijden zijn een ernstige hap in haar maandbudget. Bij de berekening kom ik aan prijs van honderd vijfentachtig frank per maaltijd. Inderdaad is dit een aanslag op haar maandelijks erg bescheiden pensioentje. Ik beloof navraag te doen bij de dienst budgetbeheer van het O.C.M.W. Bij onderzoek op het bureau van de O.C.M.W.-secretaris blijkt de berekening correct omdat het huis waar Fernanda in woont haar eigendom is en zodoende wordt dit ook beschouwd als een maandelijks inkomen. Ik vroeg de brave pennenlikker rekening te houden met de trieste realiteit van deze mevrouw haar woonomgeving. Zo welvarend was deze Herentse nu ook weer niet. Ook deed ik terstond en ter plekke navraag aan welke voorwaarden al de vreemdelingen in Herent moesten voldoen, om hier dagelijks gratis (op kosten van de Herentse gemeenschap) te mogen komen genieten van een warme maaltijd. Ik gebruikte (misschien onterecht) de term “ons eigen volk eerst”. In situaties verstopt de diplomaat zich in mij ….als die diplomaat in mij er ooit al aanwezig is geweest? Het tijdsbeeld van dat ogenblik was er eentje dat het Vlaams Blok bij de verkiezingen een megascore behaalde. De slogan “eigen volk eerst en aanpassen of buiten” gingen er bij de kiezer in als zoete broodjes. Toen gebeurde er iets eigenaardigs en waar ik me totaal niet aan verwachtte. De secretaris insinueerde met opgeheven gebalde vuist of ik soms van die “soort” was. Duidelijk alluderend op de politieke insteek van het toenmalige Vlaams Blok: de rode bokshandschoen en de slogan eigen volk eerst. Hij kon misschien wel gelijk hebben gehad, al was dat niet gegrond, maar dit had hij nu net niet mogen doen, toch niet met mij. Ik zet me, een beetje aangeslagen, een stapje naar voren en leg mijn beide handen op zijn wanordelijk bureau en wijl ik hem diep en recht in de ogen kijk stamel ik: “Wanneer is de volgende vergadering van de O.C.M.W.-raad? Overtuig uzelf maar dat het eerste agendapunt een publiekelijke verontschuldiging zal zijn van deze uitlating naar mij toe, en dat het tweede agendapunt een bespreking zal zijn van deze situatie. Een rapportje met een verhaal over deze gebeurtenis hier en nu, zal morgen persoonlijk worden afgegeven aan de voorzitter van het O.C.M.W. met de vraag publiekelijk een standpunt in te nemen in deze zaak. En wees overtuigd, ik maak enkele kopieën die ik te gepasten tijde zal doorsturen aan mensen die daar garen van zullen spinnen”. Tot mijn verbazing ging de spreekwoordelijke bal op mijn reactie vrij snel en glijdend rollen. Ik heb geen rapportje moeten maken, en nog steeds vind ik dat spijtig (want schrijven haalt die diplomaat in mij dan toch wel naar boven). Ik kreeg persoonlijk een forum bij de voorzitter. Hij had me diezelfde dag nog opgebeld. Na een tof gesprek beaamde de man dat deze houding een persoon op zo’n positie totaal onwaardig was en dat hij zich akkoord verklaarde met een verontschuldiging in het bijzijn van heel de raad. Wat een vernedering die man heeft moeten ondergaan! Natuurlijk was men bang dat ik met dit voorval naar buiten zou komen en bekend zou maken dat men sociaal welzijn koppelt aan extreem rechtse sympathieën. Ik mocht trouwens op die bijeenkomst mijn verhaal van Fernanda uit de doeken doen. Enkele dagen later kreeg ik van de voorzitter een telefoontje of ik mij kon vinden in de aangeboden verontschuldiging en of ik nota wou nemen van het feit dat de warme maaltijden aan het adres van Fernanda verder werden bezorgd en na herziening van het dossier de kosten per maaltijd voor deze mevrouw werden teruggebracht naar veertig frank per maaltijd. De conclusie van het verhaal is dat het gevaar voor gasontsnapping in het huis van Fernanda volledig was verzonnen...


























    12-07-2018 om 16:09 geschreven door JohanDS  

    0 1 2 3 4 5 - Gemiddelde waardering: 5/5 - (5 Stemmen)
    >> Reageer (0)
    11-07-2018
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.De feestdag van de Vlaamse gemeenschap en de dag na de uitschakeling van de Rode Duivels in de halve finale wereldbeker voetbal.
    DAG 74: Woensdag 11 juli 2018.  

    Onder mijn voeten: Aviles – Soto de Luina 42,2 kilometer. 

    De feestdag van de Vlaamse gemeenschap en de dag na de uitschakeling van de Rode Duivels in de halve finale wereldbeker voetbal. 

    We zaten als enige Belgen in de cafetaria van de plaatselijke camping. Iedereen naast ons was begaan met de plaatsing van de Fransen voor de finale. Dus erg veel lawaai heb ik niet gemaakt. Er was ook geen reden toe. De pers en de media schrijven over de goede speelkwaliteit van de Belgen en het anti-voetbal van de Fransen. Ik heb er hoegenaamd geen oordeel over te vellen, maar vond deze wedstrijd toch van minder niveau dan tegen Brazilië. Niemand buiten Courtois stak er met kop en schouders boven uit. Ik vond de Belgen hun antwoord op het goede verdedigingswerk van de Fransen buiten proportie zwak en een voorbeeld van weinig inventiviteit. Goed, ik heb gemakkelijk spreken, maar daarom ben ik ook geen profvoetballer. Het waren echter geen pistolets gisterenavond. We aten een gemixte sla met wat Tonijn en ajuin, worteltjes, een stukje tomaat, een stukje hardgekookt ei en olijfjes. Daarbij kregen we een bord Spaanse friet met mayonaise. Ik dronk een fles cider van de streek (zure drank). De vreugde die er had moeten zijn voor een mooie wedstrijd moest plaats ruimen voor de realiteit…de Fransen konden en mochten juichen. Ik moet echter mezelf de nodige tijd gunnen om volledig van modus te kunnen veranderen. Het verwachtingspatroon was nu éénmaal anders. 
    Het weer hier in deze streek is wel verschillend van het weertype over 3 jaar in het binnenland. We marcheren nu al ongeveer 3 weken onder een bewolkte hemel en in een zwoele atmosfeer waarvan de vochtigheid rond de 80% bedraagt. Het is als het ware goed wandelweer want de temperatuur ging vandaag niet over 24 graden en een zomerse pet of hoed was helemaal niet nodig. Veel drukte van steden of dorpen werden vandaag niet gezien. Deze zone ligt gans omsloten door een waardig kustgebergte dat afsluiting biedt aan het binnenland. Dit Spaans landsgedeelte is heel mooi groen vanwege het hier heersend zeeklimaat en de daaraan verbonden vochtigheid. Het kreeg hier en daar ook de naam de groene long van Spanje te zijn. Waar in de streek van Burgos en Léon alles verdord, bruin verbrand en verdroogd is, is al wat je hier struik, plant en boom kan noemen zo groen als ons gras bij de buurman. De bevolking, het valt echt wel op, is verouderd en meestal van boeren komaf. Ik passeer ook bij regelmaat ferme grote boerenhoven die getuigen van een wreed actief verleden. Ze staan nu dikwijls leeg en te verkommeren. Hier de landbouw bedrijven doe je best met een kort en een ander langer been. Geen weiland ligt horizontaal en als landbouwer moet je daaraan echt wel aangepast zijn om deze hellingen te bewerken. Alhoewel ook hier de moderne landbouw met zijn intensieve arbeid, overschakelde naar sterke tractors en machinale agricultuur. Zelfs de koeien die gegraasd hebben, liggen met hun laatste maag bergaf om met behulp van de zwaartekracht de darmen in goede papieren te helpen. Bij afwezigheid van de industrie, die we gisteren en eergisteren wel veel opmerkten, is dit gebied aangewezen op de landbouw en fruitteelt. Er wordt meermaals een goed onderhouden boomgaard van appels (cider), appelsienen of citroenen langs gegaan. Verrassend blijf ik het vinden dat je van in de heuvels en de bossen zicht hebt op een dieper gelegen kust en haar kliffen. Je weet nooit wat je achter de volgende heuvel zal zien en dat maakt het vooral ook waard om elke stijgende uitdaging met plezier aan te gaan. Het wandelen op de aardewegen is fysiek ook veel minder vermoeiend dan het asfalt of het beton met je zolen te schuren. Het toekomen na een ganse dag op verharde wegen is opvallend meer vermoeiend dan dartelen op aardewegen en padjes. Vandaag eten we hete hond. Hot dog op zijn Spaans. Een paar hamburgers in de pan met rode ajuinen en dat tussen het stokbrood met wat mayonaise of mosterd saus. Af en toe mag het ook wel eens wat eenvoudig zijn zeker? Morgen wacht er nog een lang tochtje naar Almuna en begint de 300 kilometer te wenken. Jakske heeft hier vandaag zijn fotosessie afgewerkt voor de modetrend van seizoen 2019. Het wordt ingeschat als een zomer vol blauwe “foelarrekes” met strooien hoed en zonder ondergoed. Uitkijken maar dat je vooral je hoed en je nekdoekje niet vergeet. Mag ik je groeten tot morgen, ik kijk er alleszins al naar uit. 

     Achter mijn handen  

    JE BESTE VRIEND PIJNIGEN 

    Al jaren stapten, klommen, verkenden en wandelden wij samen. Wij verkenden routes en wandelpaden in de Ardennen en in de omringende buurlanden. Pol en ik verplaatsten ons dikwijls in indianenpas van steen tot steen, van traptrede en rotsblok tot op de volgende natuursteen. Altijd klonken onze passen in een symbiotisch ritme. Waar zijn voet had gestaan kwam daarna de mijne. Waar hij sukkelde om een hindernis te nemen, wist ik dat het voor mij ook moeilijk zou worden. Onze twee wandellichamen konden een perfecte kopij zijn, en dat had zijn voordelen, maar ook hier en daar een klein nadeeltje. We besteedden veel van onze vrije tijd aan dezelfde passie: wandelen in de natuur. Het grove voordeel was dat we conditioneel heel goed op elkaar waren afgestemd en dat we heel goed van elkaar wisten welke inspanningen we allebei aan konden. Ook zonder vragen vermoedden we dat de andere wel een pauze zou kunnen gebruiken om te plassen, te drinken, te eten of te rusten. We stemden daarin goed overeen. Een klein nadeel zou je kunnen noemen dat onze verwachtingen naar anderen toe die deze wandelingen moesten nawandelen, lichtelijk werden overschat. Je gaat er als duo immers van uit dat de anderen ook wel aankunnen wat je zelf presteert. Dat is niet altijd juist gebleken. Pol en ik waren niet de gemiddelde waarden. Zeker hij is dikwijls de harde gebleken, die pijn en volharding in zijn broekzak stak. Veel respect heb ik voor mijn vriend en wandelmaat. Op zeker ogenblik eindigt elke wandeling voor Pol op hinkende wijze. De rechterknie is een turbulente stoorzender in ons eindeloos nagenieten. Het blijkt dat deze knie einde-gebruik wordt gelabeld. Een kunstknie of prothese dringt zich op. In Reet wordt deze ingreep uitgevoerd en Pol vertrouwt me voldoende om de nazorg te leiden. Het was een moeilijke revalidatie omdat je bij zo’n herstel voldoende autoriteit moet hebben om via het verleggen van mobiliteitsgrenzen en functionele spierkrachtlimieten, winst wil maken in je programma. Deze winst vertaalt zich vrijwel steeds in pijn, vrijwel steeds in een striemende beklemming rond deze kniezone. Nochtans, we overwonnen samen. Ondanks de kommer en het leed rond de oefentherapie bereikten we samen de doelstelling. Terug kunnen wandelen zonder pijn en ook zonder hinken. Maar eer het zover was staarde ik dikwijls in blinkende vochtige ogen, die ik wel begreep. Mijn sterkste kameraad, die mij altijd door dik en dun heeft gesteund en me overal doorheen loodste als een vuurtoren aan mistig land, die moest ik de zin van deze pijn regelmatig expliceren. En alhoewel hij het allemaal goed verstond en me volledig “carte blanche” gaf in de keuze van de oefeningen, zowel de motivatie als het enthousiasme, heb ik van heel diep ingesloten in zijn geweldige thorax, de moed moeten boven halen. Het was echt een zware revalidatie die uitzonderlijk pijnlijk was verlopen. Ik heb nooit begrepen waaraan deze smart bij hem en zijn genezing heeft gelegen. Blinkend van geluk hebben we daarna op toppen van heuvels dikwijls met een high five te kennen gegeven dat het allemaal wel de moeite waard is gebleken. Er rest mij de herinnering van nog andere pijnlijke revalidaties. Dat deze doorzetting soms net zo erg is voor de therapeut als de patiënt zelf. Dikwijls heb ik ongezien mee pijn gehad, maar dat neemt niet weg dat de doelstelling met vlag en wimpel werd behaald, en menige vriendschap heeft er niet onder geleden.
































    11-07-2018 om 17:03 geschreven door JohanDS  

    0 1 2 3 4 5 - Gemiddelde waardering: 5/5 - (2 Stemmen)
    >> Reageer (0)
    10-07-2018
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.De verjaardag van een patiënte op de dag dat de rode duivels de finale spelen.
    DAG 73: Dinsdag 10 juli 2018. 

    Onder mijn voeten: Gigon – Avilles 33,5 kilometer. 

    De verjaardag van een patiënte op de dag dat de rode duivels de finale spelen. 

    Winst zou een mooi geschenkje zijn. Vandaag vertrek ik vrij vroeg. Om 07.00 uur ben ik reeds op de natuurstenen kustweg naast de golven van het Noord-Spaanse Gigon aan het marcheren richting industriezone. Een fraaie ochtendwandeling waarop ik een hele resem Spaanse senioren en laag bejaarden tegenkom die heel bewust aan lichaamsbeweging doen. Dat merk je aan de heel bewust gekozen plaatsen waar ze halverwege rechtsomkeer maken en ook aan de manier waarop ze hun dagelijkse sessie afwerken. Sommigen hebben heel wat in hun mars omdat ze ook met hoofdtelefoon en zelfs blue-tooth verbinding onderwijl telefoneren of luisteren naar hun favoriete muziek. Een buitengewoon plekje om te slapen was het gisteren. Met de neus in de wind en het zicht op de wijde zee. Het was een zevental kilometer buiten Gigon, maar o zo mooi gelegen. Het kleine nadeel dat ik er met plezier bijneem is dat ik gisteren 7 kilometer verder moest wandelen en dat ik deze morgen vooraleer ik aan deze tocht kon beginnen, ook 7 kilometers als opwarming moest afleggen. De tocht zelf was vrij eentonig. In Gigon moest ik een uitgebreide industriezone naast het kanaal doorworstelen met heel druk vrachtwagenverkeer en ook weinig animatie voor de “dreamwalker”. Het was zelfs gevaarlijk om langs deze weg een internationaal gekende wandelroute te organiseren. Parallel liep er immers een mooie bosweg maar uit angst om weer eens verkeerd georiënteerd te worden bleef ik wijselijk op het ongelukkige Camino-pad. Ik wil geen risico meer lopen op eender welk verkeerd navigatie maneuver na mijn flop van gisteren. Ik blijf onderweg zelfs sterk gefocust op al wat gele pijlen en Camino verwijzing te maken heeft. Hopelijk doet zich een tweede vergissing niet meer voor. Vandaag spelen de rode duivels en omdat Moike net verjaart ( een patiënte met een ernstige moeilijk te herstellen schade aan de nekwervelzone) op 10 juli wens ik haar als cadeau een zege voor de rode duivels. Ze is een rode duivels fan van het eerste uur die niet gemakkelijk in slaap wordt gewiegd. De wedstrijden van de nationale voetbalploeg zijn een manier om haar extra krachten te bundelen en moesten die duivels vandaag winnen, zou dat het mooiste geschenk zijn dat ze ooit op een verjaardag ontving denk ik. Het wordt je gegund Moike. Ik ontmoette Victor nog onderweg. Hij was net voor Avilles iets aan het eten en vroeg of ik verder ging dan Avilles. We zien elkaar zeker nog een paar maal voor we in Finisterre aankomen. De camping die we vandaag aandoen is voorzien van een groot Tv-scherm, en we lieten ons goed voorlichten, de uitzending van de halve finale wordt hier gevolgd. Een publiekelijke scene zoals voorheen op vrijdag zal niet meer nodig zijn. Het is me gelukt om reeds tot op 430 kilometer van mijn einddoel te geraken en 1944 kilometer onder mijn schoenzolen te laten passeren. De grootste opdracht is dus reeds achter de rug maar ik hoed me voor te vroege victorie-kraaierij. Het weer is hier nog altijd zwoel en zweten is nog altijd mijn deel. Deze morgen kon ik mijn hemdje werkelijk doen druppen van het transpiratievocht. Onderweg zijn er echter bronnetjes genoeg om zout en zweetgeur spoelend achter te laten. Het parcours leende zich vandaag helemaal niet om tevreden aan te komen, maar ik hield er bij voorbaat rekening mee dat er inderdaad meerdere van deze dagen zouden verschijnen waarbij ik “me non gusta” zou moeten zeggen. Vanavond gaan we na de match ( de Spanjaarden beginnen ’s avonds pas te leven vanaf 20.00 uur) eten in de bar waar we naar de duivels gaan kijken. Ofwel wordt het een feestmaaltijd ofwel pistolets met koffie zoals na een begrafenis. De pronostiek van een Spaanse jongeman die ik onderweg tegenkwam was een finale tegen Kroatië waar België de finale wint met 3-1. Hopelijk heeft hij gelijk. Een open deur intrappen hoeven we niet, maar België is als gedoodverfde kandidaat finalist toch wel verplicht voor zichzelf het beste van onze mogelijkheden te geven. Intrigerend hoe heel de wereld begaan is met dit toernooi. Veel mensen onderweg, bij het zien van mijn Belgisch vlagje, roepen me na : SUPER Belguim, nice team you have, champion, alsof ikzelf de cup ga spelen… Morgen waarschijnlijk weer een zware trip van 40 kilometer maar wellicht verdeel ik hem in drie met de volgende trip, en doe ik 85 kilometer op drie dagen in plaats van op twee. We zien wel. Have a nice evening en keep your voice for crying the devils tot he top. Aan mijn broer wens ik een spoedige genezing van zijn driedubbele sleutelbeenfractuur en de beide gebroken ribben. Gepensioneerden en een E-bike, een explosieve bezigheid met een waarachtig levensgevaarlijke cocktail van kracht, ijdelheid en minachting van de eigen psycho-motorische vaardigheid. (LOL). Vergeef me Luc, maar binnenkort ben ik op pensioen en zullen we samen wat fietsen en mits wat goede benen van mij, zal ik je trachten goed uit de wind te zetten, zodat jij je wagonnetje gewoon kan aanhaken. Veel moed en een goed herstel van dit te licht bevonden gestel. Morgen weer een ander historie. Nu de duivels aanmoedigen. 

    Achter mijn handen  

    EN DAN VERANDERT JE LEVEN ALS OUDER OP ENKELE SECONDEN 

    Jimmy is een jongeling van nu 35 jaar die opgroeide in een heel normaal gezin samen met zijn jongere zus. Net zoals alle andere jongens van zijn leeftijd was hij een vitaal kereltje en was ravotten zijn geliefkoosde activiteit. Hij was een rakker, ja, maar van het brave type. Zijn bromfiets was zijn passie en niet altijd bestuurde hij die even voorzichtig. Op zeventienjarige leeftijd gebeurt er iets dat zijn leven een andere wending doet nemen, maar ook dat van zijn ouders, vrienden en naaste familie. Een verkeersongeval op 8 augustus 1999 op het kruispunt van de Graafschapslaan en de Stationsstraat zal zowat alles binnen hun familiale leefwereld overhoop gooien. Niets van wat ooit was zal nog zijn. Ik schrijf een verhaal omdat ik zie welke inzet ouders, vrienden, familie en vrijwilligers spenderen om de leefwereld van Jimmy leefbaar te maken. Uit erkentelijkheid om de inspanningen van de mantelhulp wil ik een verhaal wijden aan deze verzorgers van het eerste en laatste uur. Jimmy krijgt een ongeluk met de bromfiets en komt tegen een wagen terecht. Hij hield daar een hersenletsel aan over. Na een maandenlange hospitalisatie en herstel in het revalidatieoord “Pulderbos” te Zandhoven komt er na deze zware periode nog een ernstige kater over de vloer van het woonhuis. De mentale en fysieke aanpassing aan een nieuw levensritme in huis, nieuwe houdingen, nieuwe uurschema’s, nieuwe meubels, nieuwe mensen die dagelijks komen, nieuwe toestellen, nieuwe afspraken. Te veel om op te sommen of te vertellen. Tot in het belachelijke toe: Jimmy moet op tijd in bed worden gelegd, dus iemand moet daarbij assistentie kunnen verlenen. Er ontstaat een onopgemerkte druk op al wat gebeurt. Want, immers alles wordt georganiseerd in functie van het zorgenkind, opdat alles zou blijven rollen. Bij de minste kink in de kabel valt een deel van het verzorgingsschema in duigen. En tenslotte zijn het toch slechts de beide ouders die de krachtarmen vormen van deze therapiehefboom. Je kan niet genoeg waardering opbrengen voor mensen die dagdagelijks hun gehandicapt kind onder hun hoede nemen. De therapie bij ons is zowel voor Jimmy als voor de ouders een mogelijkheid ter ontspanning. Viermaal per week komt hij oefenen en spendeert hij het beste van zijn benen op de hometrainer. Zijn evenwichtsfunctie wordt telkens tot werken gedwongen en zijn psychomotoriek wordt ook elke sessie op de proef gesteld. Het oefenschema wordt zo variabel mogelijk gehouden met zorg door verscheidene therapeuten zodat het niet te eentonig wordt en bovendien wordt beoogd om het ganse lichaamsschema gedurende de week helemaal te hebben behandeld. De proprioceptieve opdrachten waarbij hijzelf zijn spieren moet aansturen en/of inhiberen om een juiste uitvoering te verkrijgen, zijn nog het meest moeilijke. De fijne motoriek is niet helemaal verloren, dan toch zwaar gehavend. Jimmy echter is een optimistische kerel die ik niet dikwijls heb horen klagen. Zijn berustende houding is er eentje van weinig grandeur, eerder introvert, maar hij blijft zeer coöperatief deze revalidatie uitvoeren. Hij is een zeer aimabele man en regelmatig geeft hij mij een (h)eerlijke zoen op mijn kaak. Maar zo lief hij is, zo kwaad durft hij ook al eens te zijn. Ik vermeldde het reeds dat ik dit artikel zeker wil schrijven omdat de mantelzorg door de beide ouders, zijn zus, de verantwoordelijken van de werkplaats en allen die erbij betrokken zijn, zo strikt bepalen hoe Jimmy zijn leven verloopt. Het lijkt zo evident dat vader en moeder taxi rijden, het lijkt zo vanzelfsprekend dat Jimmy verzorgd wordt en opvang krijgt van seconde 0 tot seconde 86.400 iedere dag. Hebben politiekers, beleidsmensen al ooit eens in het werkveld gestaan van een (minder) valide opvang of verzorging? Wanneer je bedenkt dat zorgverstrekkers in een home, acht uren dienst kloppen dan betekent dit dat er nog twee shiften dienen te worden gevuld. Ouders van deze zorgbehoeftigen doen dus wel degelijk een paar shiften achter elkaar. En nooit kunnen die de handen klappend over elkaar wrijven en denken dat hun dag erop zit. Nooit draaien zij de figuurlijke knop op “off”, altijd blijft die staan op “stand by”. Er ontstaat bij mij een ruim respect voor de verzorgers die kort bij deze patiënten vertoeven. Telkens als Jimmy wordt afgehaald is het vader die zijn zoon op een heel rustige manier naar buiten leidt. Thuis staat dan een avondmaal klaar. Jimmy wordt bij het eten geholpen. De volgorde van de taken die deze mensen vervullen zijn veelvuldig en multifunctioneel. Er bestaat niet zoiets als een ode aan een mantelhelper. Toch wil ik elke lezer van dit verhaal hierbij betrekken. Mag er op gewezen worden dat bij het kruisen van een gehandicapte persoon niet alleen medelijden of deernis mag opgerispt worden voor de mindervalide zelf. De grootste weldoeners lopen achter de rolstoel. De mensen zonder eretekens en zonder vermeldingen. En wees overtuigd dat er achter elke invalidenwagen een waarlijk en uit het leven gegrepen verhaal schuil zal gaan. Misschien de moeite om het eens op die wijze te benaderen. Ik ben blij mijn waardering voor alle rolstoelduwers eens duidelijk uit de doeken te hebben kunnen doen. Te weinig ontvangen zij de Laurierenkroon.




































    10-07-2018 om 17:42 geschreven door JohanDS  

    0 1 2 3 4 5 - Gemiddelde waardering: 5/5 - (5 Stemmen)
    >> Reageer (0)


    Archief per week
  • 16/07-22/07 2018
  • 09/07-15/07 2018
  • 02/07-08/07 2018
  • 25/06-01/07 2018
  • 18/06-24/06 2018
  • 11/06-17/06 2018
  • 04/06-10/06 2018
  • 28/05-03/06 2018
  • 21/05-27/05 2018
  • 14/05-20/05 2018
  • 07/05-13/05 2018
  • 30/04-06/05 2018
  • 23/04-29/04 2018
  • 02/04-08/04 2018
  • 12/03-18/03 2018
  • 05/03-11/03 2018
  • 19/02-25/02 2018
  • 12/02-18/02 2018
  • 05/02-11/02 2018
  • 22/01-28/01 2018
  • 15/01-21/01 2018

    E-mail mij

    Druk op onderstaande knop om mij te e-mailen.


    Gastenboek

    Druk op onderstaande knop om een berichtje achter te laten in mijn gastenboek


    Blog als favoriet !

    agenda

    Belangrijke data in mijn agenda



    Blog tegen de wet? Klik hier.
    Gratis blog op https://www.bloggen.be - Bloggen.be, eenvoudig, gratis en snel jouw eigen blog!